dinsdag 30 januari 2007

Vanalles en nog wat

Een vreemd tafereel gezien op weg naar het station : naast de Belgacom-toren ligt een voetpad dat deels wordt ingenomen door roosters. Vele mensen lopen liever niet over die roosters en verkiezen de strook van 40 à 50 centimeter die ernaast loopt. Zo ook nu weer een meneer. Uit de tegenovergestelde richting kwam een (zwarte ; geen idee of het hier terzake doet) mevrouw en een van beiden moet dus opzij gaan om de andere langs te laten (mogelijk had de mevrouw schoenen met hakken, waardoor ze ook niet over de roosters wenste te lopen). De 'heer' blijft doorstappen en stopt vlak voor de vrouw, maar in plaats van haar ten minste wat ruimte te laten, blijft hij gewoon staan en verroert geen vin meer, alleen geeft hij door z'n lichaamstaal duidelijk te kennen dat hij vooruit wil om tijdig op het station te zijn. Die mevrouw beweegt naar links en naar rechts, maar hij blijft gewoon koppig staan. Uiteindelijk is ze van het voetpad gestapt of heeft ze hem praktisch opzij moeten duwen om erlangs te geraken. Onbeschoftheid.

Kranten en nieuwsbulletins die het hebben over doping en wielerploegen waar een geurtje aan is. Irak is praktisch een voetnoot geworden, ondanks het aanhoudend geweld en het veel grotere leed dat daarmee gemoeid is. Ok, Irak is al bijna 4 jaar onafgebroken in het nieuws, maar zijn voetbal (als het geen nationale competitie is, wel een Champions League of een of ander internationaal kampioenschap), wielrennen, tennis dat ook niet ?

Straks nog een klein artikel gelezen waarin stond en ik vind het zo hallucinant dat ik moeilijk kan geloven dat er geen fout in stond dat een topvoetballer van de Engelse ploeg Chelsea volgend jaar mogelijk 200.000 euro per maand (!!) zou kunnen verdienen. Daar word ik stil van.

Tijdens de strijk naar bezwerende muziek van Toto Bissainthe geluisterd en eveneens naar een cd van Bernard Lavilliers. Deze laatste heb ik ontdekt door een francofiele collega die een wandelende muziekencyclopedie is. In het begin vond ik de cd in kwestie (een soort van Franse 'best of', goedkope collectie) niet bijzonder, maar naarmate ik er meer naar luister, valt hij beter en beter mee (veel Latijns-Amerikaanse invloeden ; http://fr.wikipedia.org/wiki/Bernard_Lavilliers ).
Toto Bissainthe heb ik in '94 leren kennen (althans haar muziek) tijdens een actualiteitsprogramma op de radio dat tussen 8 en 11 uur 's avonds was geprogrammeerd en waarvoor o.a. Betty Mellaerts de presentatie verzorgde. Veel meer dan een overlijdensbericht over deze in Haïti reeds levende legende las ze niet voor, maar mijn interesse was gewekt en iets later heb ik een cd van haar gekocht. Kippenvelmuziek, telkens weer ( http://en.wikipedia.org/wiki/Toto_Bissainthe ).

maandag 29 januari 2007

Onze oudste (bis)

Er is wat nieuws in verband met R's 'geloofscrisis' : de directeur heeft er met de islamleerkracht over gesproken en deze laatste scheen nogal verbaasd te zijn, want hij had dat thema al in de klas aangekaart. Hij zou het dan nog eens herhalen. Nog volgens de directeur hebben we er ook goed aan gedaan om dit in eerste instantie met hem te bespreken en er niet meteen de ouders over aan te spreken. Het thema zou nogal gevoelig liggen.

Vorige vrijdag heb ik trouwens een blunder van formaat begaan en hem bijna doen afgaan voor zijn (Pakistaanse) vriendjes. Hij was daar uitgenodigd om het verjaardagsfeestje van een van hen mee te vieren en toen ik hem kwam halen, ben ik wat gebleven om met de vader wat te babbelen.

De kinderen toonden fier een (hun ?) gsm en ik zei wat te luid tegen de vader dat R er ook een had, maar dat die kapot was. Helaas hadden de kinderen dat ook gehoord en R was ronduit furieus. Hij is weggelopen en kon zijn tranen niet bedwingen. "MIJN GSM IS NIET KAPOT !" Ik besefte meteen dat de toestand ernstig was en ik heb getracht het wat goed te maken door te zeggen dat ik me vergist had. Die gsm is inderdaad niet kapot, maar er zit geen kaart meer in. Het is zo'n Nokia kweeniehoeveel die tot voor enkele jaren iedereen had (ik heb de mijne trouwens nog steeds), maar dan zonder kaart omdat M. de hare beu was en een nieuwe had gekocht. Uiteindelijk is de storm geluwd, maar hij durfde zijn vriendjes bij het afscheid niet aankijken... Arm manneke.

We zijn dan samen naar huis gefietst en dat was toch nog een ontroerend moment : voor het eerst heb ik hem achteraan bij mij op de fiets gezet en dat ging heel goed. Hij heeft zich goed aan me vastgehouden en vond het blijkbaar best leuk. Ikzelf was ook in de wolken.

zondag 28 januari 2007

Blub

Voilà, net terug, wat uitgeregend.

Niet veel speciaals gezien, maar toch dit : een op de stoep vrolijk rondhuppelend(e) meisje of jonge vrouw, een jongetje op een fiets dat vol ontzag naar me zwaaide en keek (heb hem maar een brom als toegift cadeau gedaan) en in Vosselaar kasten van huizen waarvan ik in mijn wildste verbeelding zelfs nauwelijks heb bestaan hier in de regio vermoedde. Daar wonen echt schatrijke mensen.
Voor de rest, gladde en soms vuile wegen, dus oppassen geblazen.

Speelkameraad

Snuffelend in een doos met allerlei papieren vond ik de onderstaande tekst terug van Bernard Dewulf, enkele jaren geleden verschenen in De Morgen. Ik had die uitgeknipt en thuis opgehangen, maar de reacties waren niet bepaald positief, eerder verkrampt eigenlijk. Hier kan ik nu ongestoord weerwraak nemen. Woehaha.

“K.

Weer zo’n kutstukje schrijven, zeg ik. Schrijf dan eens een kútstukje, zegt ze. Hoezo ? Een stukje over een kut, zegt ze. Sommige lezers kunnen daar niet tegen op de voorpagina. Ik wel, zegt ze. Soms, ’s ochtends tussen ontwaken en opstaan, zeg ik het hardop : ik ben tuk op mijn kut. Vroege woordspelingen, zeg ik. Vroege spelingen zijn de leukste, zegt ze.
En wie is nu geïnteresseerd in zo’n stukje kut, vraag ik. Iedereen, zegt ze, die mét en die zonder, maar ze verklappen dat niet. En wat moet ik daar dan over schrijven ? Wat je ziet, zegt ze. Wat ik zie ? Ja, je hebt er toch al naar gekeken ? Telkens als ik ernaar kijk komt er een mensje uit. Ik kijk er regelmatig naar, zegt ze. O ja, zeg ik. Met een spiegeltje. Spiegeltje, spiegeltje aan de wand ? Ja, zegt ze. En ? vraag ik. Ik heb de mooiste van het land. Gelukzak, zeg ik. Wist je dat steeds meer vrouwen ze laten verbouwen ? Hun kut ? Ja, ze willen ze groter, kleiner, mooier, ontvankelijker. Ik niet, de mijne is fijn. Juiste verhoudingen, volgens de gulden snede. Blij voor jou, zeg ik, maar daar kan ik toch niet over schrijven. Platbroek, zegt ze, iedereen moet er doorheen en vervolgens kijkt iedereen ervan weg. We zouden er dagelijks naar moeten kijken, om te onthouden waar we vandaan komen. Begin daar eens aan, zeg ik.
Spreek er eens tegen, zegt ze. Spreken ? En wat moet ik dan zeggen ? Gewoon, dag lieve kut, hoe gaat het vandaag. Dat bijt niet hoor, zegt ze. Dat wordt een dovemansgesprek, zeg ik. Er zijn zwijgzame en spraakzame kutten, zegt ze. Ook tegenpruttelende. En soms moet je liplezen. Ha, zeg ik, een zinspeling. Zij lacht. Ik heb ineens zin om te spelen, zegt ze. Toch niet met je …, zeg ik. Omgekeerd, zegt ze. Omgekeerd ? Jullie zijn toch ook soms de speelbal van jullie geslacht ? Zeg maar lul, zeg ik. Toen grijnsde ze haar zichtbare tanden bloot.”

Blijkbaar was deze tekst te aanstootgevend hier in huis, terwijl er voor mij niets schokkends in staat. Vreemd toch hoe een vagina dergelijke radicaal verschillende en heftige gevoelens en reacties kan losweken. Mogelijk heeft het eenzelfde of grotere zeggingskracht dan bijvoorbeeld Jezus aan het kruis. Vanwaar die afkeer of schaamte die vele vrouwen lijken te voelen voor hun vagina ? Bij het wassen ervan lijkt men soms wel tekeer te gaan alsof men ze met alle kracht wil weggommen, liefst nog met zoveel mogelijk zeep, wat eigenlijk door seksuologen wordt afgeraden.

Daartegenover staat dan weer de fascinatie die veel mannen ervoor voelen en ook de angst ervoor. Een vagina is voor een man, denk ik, iets sacraals, met al het positieve en negatieve dat eraan vasthangt. Bovendien zorgt het meestal toch nog aanwezige schaamhaar voor een vleugje mysterie. Ze is er maar je ziet ze niet (helemaal), je hebt er het raden of fantaseren naar. Het is een niet minder krachtig beeld dan de meeste van de opengesperde kutten die op pornosites of in pornofilms in je gezicht gegooid krijgt. Courbet zat er waarschijnlijk ook niet ver naast toen hij zijn beroemde schilderij “L’origine du monde” doopte. Ik beweer niet alles, maar toch veel van wat (de) mensen (de mensheid) drijft is daarop (seks, lust, maar niet alleen dat, een vagina betekent ook geborgenheid, letterlijk en (hopelijk) figuurlijk warmte) terug te voeren, denk ik als totaal onwetende.

Enkele jaren geleden heb ik ooit een mail ontvangen van een gewaardeerde collega, met 5 of 6 fotootjes als bijlage. Op elke foto was een close-up te zien van een wat behaarde anonieme ‘foef’, maar dat was maar een deel van het verhaal. Ervoor stond een fanfare van Playmobil-mannetjes. Op de eerste foto zag je het eerste en eventueel tweede figuurtje staan met zijn instrument. De tweede foto toonde van het eerste mannetje enkel nog de voetjes ; de rest zat in de schede en het tweede figuurtje diende zich aan. De volgende foto’s lieten, als ik het me goed herinner enkel nog de overblijvende figuurtjes zien, waarvan de rij steeds kleiner werd. Er werd dus evenveel of meer gesuggereerd dan dat er effectief getoond werd. Heel grappig en vertederend tegelijk en respect voor de vrouw die zich tot het spelletje leende.

Tot slot nog een mooie tekst die R, waarover ik het hieronder had, me ooit schreef over de minnepoel :

"peut-être mais [la bite] est particulièrement moche comme organe, tandis qu'un sexe féminin, je trouve ça magique! Une bite, ça bande pour un oui pour un non alors qu'une vulve, ça se mérite. Il faut l'amadouer pour qu'elle daigne vous offrir l'hospitalité et puis tout est dissimulé et secret, ce n'est pas comme ce phallus agressif et prétentieux.
Quand on y pense, c'est tout de même incroyable de se dire que nous venons tous de là et que nous n'avons qu'une envie, c'est d'y retourner, moi ça me fascine. Bringing It All Back Home comme disait Bob [Dylan]!"

Niets van dit alles zijn originele inzichten van mij uiteraard. Anderen hebben dit ongetwijfeld ook al bedacht, al kwamen ze nu wel in mij op zonder dat me op een of andere lectuur baseerde. Gewoon mijmeren brengt rare dingen in een mens naar boven. Waarschijnlijk kun je dit gewoon onder geleuter of toogpraat catalogeren. 't Is tijd om maar eens wat met de moto te gaan rijden, me dunkt.

Nachtbrakerij

Auw !
Vannacht pas na 1 uur naar bed gegaan en ik voel het ook een beetje. Gisterenavond heb ik aan mijn eerste quiz voor 2007 deelgenomen. En volgende week volgt al meteen de tweede...

Gisterenavond werd de kwis georganiseerd door kennissen-motorrijders en het is goed meegevallen. Onze ploeg had de welluidende naam "De tettenzotten" en we eindigden verdienstelijk 4de van de 12, met 58 /100, wat amper 3 punten minder was dan de winnaars, "De piraten". De olijkste van onze ploeg had bovendien voor passende attributen gezorgd, zodat we de hele avond voor aap rondliepen, maar dat raken we intussen gewoon. De quiz was een mengeling van motorgerelateerde vragen en algemene kennis en het was leuk. De sfeer was gezellig, nog eens mensen ontmoet die ik een hele tijd niet meer gezien had, over moto's en vanalles en nog wat gekletst en met een fles wijn naar huis teruggekeerd.

In onze ploeg zaten overigens wel de meeste serieuze mensen : van de 5 deelnemers die met de motorfiets waren gekomen hoorden er 3 bij onze ploeg. Nochtans was het vrij zacht en helemaal niet zo nat op de baan. Mits degelijke uitrusting mag dat geen probleem stellen.

Meer informatie en compromitteerend materiaal staat hier : http://www.motorum.be/forum/viewtopic.php?t=933&postdays=0&postorder=asc&start=0
http://www.motoren-toerisme.be/aspforum/topic.asp?TOPIC_ID=11871

1 uur 's nachts is eigenlijk ook niet zo verschrikkelijk laat, zeker niet in vergelijking met de 5/6de januari, toen ik om 5 uur pas ben gaan slapen. Het probleem is vaak echter dat de kinderen er geen rekening mee houden dat je laat bent gaan slapen en dat, gecombineerd met het ouder worden, zorgt ervoor dat ik tegenwoordig al een of twee dagen moet recupereren. Tweemaal op een maand, dat moet járen geleden zijn.

De 5de januari ben ik met 3 vrienden op stap geweest in Brussel. Eerst tot bij R. gereden en dan met twee naar de plaats van afspraak, waar P-R en P op ons wachtten : Delirium café in de 'Impasse de la Fidélité'. Een café dat er prat op gaat een paar duizend soorten bier in huis te hebben van over heel de wereld. Ikzelf had mijn zinnen op een Cantillon gezet, een van de weinige geuzebieren die nog op echt artisanale manier worden gebrouwd. Ik had er voordien nog nooit een gedronken en had er geen benul van hoeveel soorten er waren. Toen ik bestelde, kreeg ik dan ook een hele opsomming, maar die is grotendeels aan me voorbij gegaan. Om het mezelf makkelijk te maken, nam ik een Foufoune, het eerste bier uit de rij. En het moet gezegd, mijn eerste kennismaking met Cantillon is niet tegengevallen. Dat smaakte naar meer, ook al heeft het echte geuzebier een gevoelig bitterder smaak dan wat nu gangbaar is. Er was in het café ook een ruim aanbod aan kazen en worsten ( http://www.deliriumcafe.be/ ). De muziekkeuze was minder ; we hebben bijna niets anders dan 'foute' muziek uit de jaren '80 gehoord (Toto, Nick Kershaw, Etienne Daho...). Het publiek is wel bijzonder internationaal.

Daarna zijn we naar het restaurant Au Vieux Bruxelles gegaan om te eten ( http://www.auvieuxbruxelles.com/menu.html ). Eerst zouden we naar de Volle Gas ( http://www.vollegas.be/ ) gaan, maar uiteindelijk dus de Vieux Bruxelles gekozen omdat de kaart daar wat gevarieerder scheen te zijn. Ik was er nog nooit geweest en het was een reuze meevaller : sympathieke bediening (ook in het Nederlands of Brussels zo je wil), lekker eten en leuk kader (wel weinig plaatsen, dus ofwel reserveren, ofwel er vroeg genoeg bij zijn of wachten tot er plaats vrij komt (wat ons overkwam, maar gelukkig kwam er net een tafel vrij)).

Na het eten begaven we ons te voet naar het Flageyplein om naar de Belga te gaan, een beetje een schizofreen café gehuisvest in het Flageygebouw. Overdag kun je er rustig genieten van een kopje koffie en een versnapering of een frisdrank, 's avonds zit het er stampvol trendy mensen en is de muziek oorverdovend. We hebben ons dan ook op het terras gezet, maar na een glas whiskey besloten we wijselijk ergens anders naartoe te gaan. Iets verder is er de Pantin, een studentikozer café dat op een ander doelpubliek mikt. Aanvankelijk ook overvol, maar uiteindelijk na een uur of meer tooghangen en elkaar toeschreeuwen hebben we een plaatsje aan een tafel kunnen bemachtigen.

Het is een heel aangename avond geworden. We hebben oeverloos gepraat over muziek, vroeger, onze woonplaatsen (2 wonen in Brussel, 1 in Charleroi en 1 in de stille Kempen), vrouwen, onze loopbanen, seks enz.

Uiteindelijk hebben we rond half drie of drie uur afscheid genomen en zijn ik en R. weer te voet tot bij hem gewandeld. Daar aangekomen, hoorden we in het holst van de nacht, in hartje Brussel (of Elsene) een eenzaam vogeltje opgewekt fluiten en voor de rest haast complete stilte. We werden er zowaar bijna sentimenteel van. Dat idyllisch moment werd helaas wreed verstoord toen ik m'n motorfiets opstartte om naar huis te gaan.

donderdag 25 januari 2007

Leesgenot


Een van de dingen waar ik op een werkdag doorgaans halsreikend naar uitkijk is het uurtje sporen ’s morgens naar m’n werk. Niet voor de treinreis op zich, al is dat af en toe ook een ware belevenis, maar omdat ik dan een uur lang kan lezen. Een ware verademing voor mij en ook pure noodzaak voor m’n geestelijke gezondheid. ’s Avonds lees ik meestal de krant van een, twee of meer dagen geleden of anders een motortijdschrift of Brussel deze week.

Maar ik had het dus over ‘leesgenot’ en dat associeer ik meer met de ochtend. Op dit ogenblik lees ik een Franse kanjer : ‘Moralistes du XVIIe siècle’ uit de collectie Bouquins van de uitgeverij Robert Laffont. Het boek gaat vooral over drie klassieken uit de Franse literatuur (La Rochefoucault, Pascal en La Bruyère), maar ook over mindere goden die in die eeuw leefden en die van ver of nabij iets met die thematiek (moralisten) te maken hebben.

Vandaag ben ik begonnen aan het deel gewijd aan La Rochefoucault. Voordat ik met hogere studies bezig was, had ik zelfs nog nooit van de man gehoord en tot op de dag van vandaag heb ik er ook nog haast niets van gelezen (op de occasionele spreuk na ; ik ben nu aan de inleiding of préface of hoe het ook heet en daardoor weet ik nu eindelijk wat de ‘Fronde’ geweest is net voor Lodewijk XIV de troon besteeg). Ondanks de pose van intellectueel die ik soms graag aanneem (en die veelal ook maar een pose is), ben ik wel nog leergierig en ben ik blij telkens als ik iets bijleer over een onderwerp dat me boeit.

Van een andere auteur heb ik vandaag ook enkele spreekwoorden gelezen en ik ga er hier een paar zetten die me wel aanspraken (wat uiteraard meer zegt over mezelf dan over de universaliteit ervan). De compleet in de vergetelheid geraakte Bonavonture d’Argonne heeft er in zijn ‘Les Maximes et Réflexions de Monsieur de Moncade’ een hele reeks bijeengeschreven. Hier zijn er drie :

- Si l’on ne disait que les choses utiles, il se ferait un grand silence dans le monde.
- Nos propres défauts nous font moins de peine que les défauts d’autres ne nous donnent de plaisir.
- On n’avance guère dans le monde quand on n’a que du mérite.

Niet bepaald opbeurende lectuur misschien en ook niet altijd makkelijk (een doorlopende tekst leest meestal toch vlotter), maar niettemin ben ik telkens gelukkig als ik dat boek uit mijn tas haal.

Ney Matogrosso

Aaargh, het traject van de ‘oude baan’ Antwerpen-Turnhout, ook wel de Antwerpse steenweg genoemd, is een ware verschrikking. Vooral vanaf Schilde tot grofweg Malle is pure frustratie, en dat dan nog op een woensdagochtend, waarvan je verwacht dat er minder verkeer op de baan is. Ik heb echt een hekel aan dat traject en verkies dan ook veruit de autosnelweg om die richting uit te gaan. In het weekend moet je dan weer rekening houden met ellenlange aanschuiftijden door alle koop- of kijklustigen die naar de Makro of, the horror !, het Wijnegem Shopping Center gaan. Zelfs vanop de autosnelweg die daar toch nog een eindje vandaan ligt staan ze daar al voor aan te schuiven.

Vandaar had ik na vorige week vrijdag vandaag nog een dagje verlof genomen om met M. naar Desco sanitair te gaan. Liever dat dan zaterdag mijn stuur zitten opvreten tijdens het aanschuiven, zowel op de baan als in de toonzaal. Tijdens het eerste bezoek hadden we al enkele ideeën opgedaan, maar nu moest er min of meer beslist worden wat we zouden kiezen (een hele nieuwe badkamer alstublieft).

Sluw als ik ben, heb ik haar eerst meegenomen naar de Ducati store in Antwerpen die maar een paar honderd meter verderop bleek te liggen (Bischoppenhoflaan), maar waar parkeren een ware verschrikking bleek. Daar eens rondgeneusd en ze moest warempel erkennen dat er mooie moto’s stonden en dat de gele die ik o zo graag wil haar meer bevalt dan mijn huidige gifgroene motorfiets, ook al oogt die zo sympathiek met zijn schattig smoeltje.

Daarna dus hop, naar Desco en toen we daar klaar waren, besloten we naar een tegelwinkel te gaan vlakbij Oost-Malle, vandaar dus onze keuze voor de Antwerpse steenweg. Vermijd die indien je enigszins kan !! Gelukkig was er Ney Matogrosso om ons lijden te verzachten. Deze hier haast onbekende Braziliaanse zanger heeft een speciale stem (zou falset het juiste woord zijn ?) en zijn cd ‘Batuque’ moet een van zijn betere zijn. Ik heb die toevallig gekocht op de luchthaven van São Paulo in 2002 en heb het me nog niet beklaagd, wat wel eens gebeurt als ik iets koop van een artiest die ik niet of nauwelijks ken of als ik afga op 1 welbepaald liedje. Het omgekeerde is af en toe ook wel waar uiteraard.

De plaat staat vol met Braziliaanse evergreens of zijn het traditionals ? die het beluisteren meer dan waard zijn. Nieuwsgierigen kunnen hier terecht : http://cliquemusic.uol.com.br/artistas/artistas.asp?Status=DISCO&Nu_Disco=8478 (voor wie Portugees begrijpt een ware schat aan informatie over Braziliaanse muzikanten en zangers)
http://www2.uol.com.br/neymatogrosso/disc26.html
In de jaren ’90 heeft hij in Brussel een eenmalig concert gegeven en helaas was ik er niet bij. Het werd naar verluidt een ware belevenis. Matogrosso is een artiest die zich op het podium ten volle geeft, maar op een decadente en tegelijk sensuele manier. Hij brengt vaak het publiek helemaal in vervoering en dan vooral de dames. De Chippendales zijn vergeleken met zijn show maar een flauw afkooksel. Niet te missen als u ooit de kans krijgt hem te zien en te horen (al is die bijzonder klein, want hij is niet meer van de jongste of anders moet u naar Parijs gaan), al is hij de jongste jaren gekalmeerd en brengt hij 'bravere' concerten. En indien u niet graag naar concerten gaat, geef hem eens een kans door een cd te kopen (Brazilaanse cd's zijn in de regel wel duur of door iets te downloaden).

Braziliaanse artiesten/muzikanten zijn hier trouwens over het algemeen fel ondergewaardeerd en mogelijk wijd ik nog wel eens een tekstje aan een van hen.

dinsdag 23 januari 2007

Da's weer netjes gedaan...

Rond midden december 2006 krijgt een collega een verzoek van de politie om na te gaan wie de twee ambulanciers waren die in april 1999 een patiënt hadden opgehaald in Dilbeek. Door een samenloop van omstandigheden ben ik aangesteld als officieuze archivaris van de dienst en dus contacteert deze collega mij met de vraag of ik dat kon nagaan.

Dergelijke documenten van 2002 of later kan ik nog bij ons in de kazerne terugvinden, maar voor eerdere uitrukken, moet ik naar een andere kazerne op enkele kilometer van mijn werkplaats en ik doe dat niet graag. Als je bovendien weet dat we jaarlijks ettelijke tienduizenden mensen vervoeren per ziekenwagen, dan is het onbegonnen werk ernaar te zoeken als die documenten verkeerd worden geklasseerd. En zoals wel meer gebeurt met dingen die ik niet graag doe en die niet echt dringend zijn, stel ik het uit totdat ik mezelf ertoe verplicht toch maar eens actie te ondernemen (hier in dit geval door de collega op eigen initiatief te beloven er eens naar op zoek te gaan). Van de oproep die in de 100-centrale terechtkwam vond ik al snel een kopie met de nodige gegevens.

Zo gezegd, zo gedaan. Na Nieuwjaar ga trek ik er met een chauffeur op uit om de beruchte archievenkelder in Anderlecht een bezoek te brengen. Daar doen mythische verhalen over de ronde : water dat daar tot enkelhoogte staat, grote, enge insecten enz. Zelf heb ik er al eens een duivenkadaver gevonden en ook nu stonden we voor een verrassing : blijkbaar had een dakloze de archiefruimte gekraakt, want we vonden een matras, een deken en uitwerpselen van (hopelijk) een hond. Wat we niet vonden was het document dat ik zocht. Onverrichterzake keerden we bijgevolg terug naar de hoofdkazerne, waar ik mijn sympathieke collega het vervelende nieuws bracht dat mijn zoektocht geen resultaat had opgeleverd. Echter, ik had vroeger al eens zoiets meegemaakt en uiteindelijk had ik toen - bij de derde poging, nadat we meer precieze informatie hadden gekregen van de politie- toch gevonden wat men vroeg. Dus ik liet het hoofd niet hangen en zegde toe om er binnen onafzienbare tijd nog eens terug te keren.

Vorige donderdag vond ik dat het toch maar eens tijd werd om nog eens te gaan kijken en ik begaf me met een auto van de dienst op weg. Omdat ik maar weinig tijd had, besloot ik alle dozen deze keer mee te nemen en ze op mijn gemak in m'n bureau te doorzoeken. Zo sleurde ik met behulp van een van thuis meegebrachte zaklantaarn (het is daar in die gangen pikdonker) die dozen naar buiten in de wagen, repte me weer naar de kazerne en m'n bureau en liet daar alles achter om snel naar het station te gaan en daar de trein te nemen, want ik dacht dat ik R. naar de karateles moest brengen. Thuisgekomen voelde hij zich niet lekker en wou hij niet gaan. Ik had me dus voor niets gehaast.

Gisteren bekijk ik nogmaals aandachtig alle documenten over de betreffende dag en kon nog steeds niets vinden, ondanks het afschrift van de 100-centrale dat bewees dat er wel degelijk een oproep was geweest en dat er een ziekenwagen was uitgerukt. Deze morgen sprak ik de bevoegde officier daarover aan en trachtte hem voorzichtig uit te leggen dat ik het niet begreep, maar toch geen spoor vond van het ziekenwagenverslag, ondanks al m'n scrupuleus zoekwerk. "O, maar da's normaal. Kijk hier maar eens : Asse heeft de klus geklaard. Bedankt voor het zoeken, we zullen de politie en de procureur een brief schrijven." En daarmee was de kous af.

Indien ik daar meteen mee naar hem was getrokken, half december, dan had ik mij en m'n collega (die samenwerkt met de officier in kwestie) heel wat moeite en kopzorgen bespaard...

Gisteren heb ik een andere delicate situatie voor een keer goed aangepakt. Toen ik thuiskwam, bleek de jongste heel moe en daardoor snel geïrriteerd. Na het eten heb ik hem naar de badkamer meegenomen om hem te wassen en z'n pyama aan te doen. Hij had ons geduld, en vooral dat van M. al wat op de proef gesteld en in de badkamer begint hij te huilen en zegt hij dat hij niet wilde gewassen worden. In plaats van zelf geërgerd te reageren op hem, heb ik me gewoon naast hem neergezet en hem wat geknuffeld en zachtjes toegesproken. Het werkte blijkbaar, want daarna liet hij zich gewillig wassen en heeft hij nog met z'n broer (en met mij, zucht) met de oorlogsvliegtuigjes gespeeld. Dat had ik voor een keer goed aangepakt, want in het verleden is het al voorgekomen dat ik te snel m'n geduld verloor, waardoor hij (of z'n broer) nog meer de kluts kwijtraakten. Ik probeer er nu meer op te letten om kalm te blijven en dat werkt wel (niet altijd helaas).

O ja, nog een fait divers in de seksuele sfeer : in Aquatopia in Antwerpen zit een leguaan in de ziekenboeg omdat hij wegens een ontsteking constant een erectie heeft. Bovendien zitten er drie gewillige leguaninnen/leguanenwijfjes op hem te wachten. Helaas voor hem kan hij hen dus niet bedienen (eentje zou al wel zwanger zijn, wat een opluchting) en dreigt er zelfs een amputatie van het lid in kwestie. Leguanen zouden wel twee penissen hebben, zodat het geen complete ramp hoeft te zijn voor onze vriend (bron is de krant van vandaag, blz 2).

maandag 22 januari 2007

Recyclage

Wegens allerlei huishoudelijke besognes (helaas nog geen orale seks) heb ik vanavond eigenlijk geen tijd om hier een nieuwe tekst te plaatsen, vandaar iets uit de oude doos, toen ik nog journalistieke ambities had.

Wie niet in het minst in autosport is geïnteresseerd, kan het best wegzappen. Ik heb namelijk een tijdje trouw verslagjes geschreven van virtuele en tegelijk reële races waar ik aan meedeed in het kader van allerlei kampioenschappen. Het hieronder volgend verslag is daar een van de betere voorbeelden van en ik ben er eigenlijk nog steeds trots op. Na al die jaren (deze race werd in het voorjaar van 2003 verreden) blijft mijn verslag leesbaar en genietbaar voor de leek, al zeg ik het zelf (ja er is aan mij een groot autosportjournalist verloren gegaan).

Het betreft een race met Formule 1 wagens uit het gezegende jaar 1967. Het spel zelf, Grand Prix Legends geheten, is in 1998 of 1999 uitgekomen en kreeg al gauw een kleine maar heel trouwe schare spelers (door de hoge moeilijkheidsgraad haakten velen al snel af, maar wie doorzette werd beloond met een groot spelplezier en dat geldt meteen ook voor het onderstaand verslag, dus doorzetten maar lezer !!). Tot vorig jaar reed ik er regelmatig mee in competitieverband. Van de vele tientallen (honderden ?) races waaraan ik heb deelgenomen, won ik er amper 2, maar ik hou er nog altijd heel goede herinneringen aan over.

Ik heb vandaag klachten opgevangen over het lage seksgehalte op deze blog. Ik zal proberen er rekening mee te houden, maar pin me er niet op vast. Voorts ook een welgemeend 'dankjewel' voor diegenen die me aanmoedig(d)en om hiermee door te gaan.

Veel leesplezier alvast.

VERSLAG VAN DE GP VAN FRANKRIJK IN ROUEN-LES-ESSARTS

“Zou je dat nu wel doen ?” vroeg een bezorgde manager aan Joost Cornet. “Carnaval is immers al achter de rug.” “Niets van aantrekken; gaan met die banaan”, was het enige antwoord dat de sympathieke Brabham-coureur gaf. Zijn optreden in Rouen zou dan ook op nogal wat wenkbrauwengefrons worden onthaald. Omdat het de laatste race van het seizoen was en de prijzen al uitgedeeld waren, besloot Cornet er een feest van te maken en enigszins naar analogie met Valentino Rossi de race te rijden gekleed in een brandvrij hanenpak. Hij was ervan overtuigd dat hij zo de overwinning kon wegkapen en een plekje in de geschiedenisboeken zou opeisen. Daarbij was hij uit het oog verloren dat kippenpoten bezwaarlijk geschikt zijn om de pedalen van een raceauto te bedienen en dat zijn hanenkam ook niet echt bevorderlijk was voor de aërodynamica van zijn bolide. Bovendien werd zijn bewegingsvrijheid in de sowieso al kleine en krappe Brabham ernstig belemmerd door de vleugels en moest hij er met een schoenlepel in worden geperst.

De avond voor de GP was er nog een feestje waarop alle divisie 4-coureurs en -teamleden waren uitgenodigd en waar de nodige ambiance was. Leo Haastrecht dook onvrijwillig in een bad vol roze pudding, Bart Vaes was een mandje magic mushrooms gaan plukken en na het verorberen ervan zweefde hij van de ene boom naar de andere, roepende dat hij een bosnimf was. Er waren aanvankelijk ook meisjes uitgenodigd, maar die werden dermate afgeschrikt door de ronduit walgelijke voorstellen van Mario Sablon, dat ze wijselijk besloten te vertrekken. Daarna moest de als travestiet geklede Kevin Smeekens het ontgelden, iets waar Sablon enkele slapeloze nachten aan overhield... Kuyntjes feestte niet mee omdat hij nog aan het recupereren was van twee weken totale bandeloosheid volgend op het behalen van zijn titel. Het verblijf van de Stones in Nellcôte was vergeleken daarmee een uitstapje van koorknaapjes. De van Beeks vonden het een goed idee om in de hoofdstad van Normandië verkleed als vikings op te dagen. Toen Denis van Beek daarna een luchtje ging scheppen en een wandeling ging maken in de bossen die het circuit omringen, stootte hij op een woest everzwijn dat hem geen andere keuze liet dan te vluchten.

Professionals als ze zijn, kropen de helden bij het vrijgeven van de baan wel weer plichtsbewust achter het stuur van hun bolides. Blijkbaar hadden de mecaniciens meer last van het feestje, want ze plaatsten de wagens op een grasperkje voorbij de pits, bij de eerste bocht. Dit zorgde voor de nodige verwarring en brokken, zodat de organisatie besloot de trainingssessie (ingekort) te herstarten. Al gauw bleek dat Kuyntjes het nog niet verleerd was en een klasse op zich vormde. Uiteindelijk eiste hij de 1ste startplaats voor zich op met een tijd van 1.58.625. Op respectabele afstand volgde Vincent van Beek, dan Smeekens, de Belgen Verleysen en Vaes en de enige Lotus-rijder. Op de vierde rij stonden de Honda- en Cooper-piloten en op de laatste plaats een lichtjes teleurgestelde Cornet. Zijn extravagante idee had hem dan toch geen vleugels gegeven. Voor de race zou hij nam hij zich dan maar voor om een drinkbusje Red Bull mee te nemen en aan Denis van Beek zijn vikinghelm te vragen, omdat die hanenkam hem toch niet zo’n geslaagd idee leek. Over van Beek was nog steeds niets vernomen en zijn deelname aan de race was dus hoogst onwaarschijn­lijk. De start verliep zonder noemenswaardige incidenten. Sablon en Vaes kwamen nog het beste weg en verschalkten enkele voor hen gestarte coureurs. Bij Nouveau Monde was er al wat meer verwarring. Vaes, die naar de derde plaats was doorgestoten wurmde zich daar in een stoutmoedige beweging voorbij een geschrokken Smeekens en opende zodoende de jacht op de leider. Voor Haastrecht en Haast ging het bij de haarspeldbocht iets minder voorspoedig en ze kwamen op het gras terecht. Zonder schade konden ze echter hun weg voortzetten. Aan de kop behield Kuyntjes zijn 1ste positie en zoals in dat geval gebruikelijk is geworden, stond hij die niet meer af. Alweer een start-finishoverwinning erbij op zijn palmares, bovendien bekroond met nog maar eens een snelste ronde. Enkel op het einde kwam Smeekens nog wel opzetten, maar toen deed de Eagle-rijder het al een tijdje kalm aan. Voor spanning en sensatie moest men elders zijn. Zo hield de strijd om de 2de plaats de toeschouwers een tijdje in hun ban. Smeekens en van Beek maakten er ronden lang een onderonsje van. De eerste 6 ronden wist de Ferrari-rijder de afstand min of meer te stabiliseren op 1 à 2 seconden, maar daarna wist van Beek hem een drietal ronden onder zware druk te zetten. Smeekens liet zich echter niet van de wijs brengen en na een foutje van van Beek waarbij deze 4 wielen op het gras zette, genoot hij een korte adempauze. De Eagle-rijder gaf zich echter nog niet gewonnen en deed de bescheiden voorsprong van zijn concurrent weer teniet. Maar in de dertiende en veertiende ronde ging het goed mis, hij sloeg onder meer overkop, en was hij de aansluiting definitief kwijt. Erger nog, hij viel terug tot de 4de plaats, want Haastrecht was hem intussen voorbij. Deze had zich na zijn slechte wedstrijdbegin goed herpakt en al heel wat plaatsen goedgemaakt. Een verdere positieverbetering zat er voor hem niet meer in omdat Smeekens te ver voor hem uit reed. Integendeel, hij moest zelf op zijn hoede blijven voor van Beek, want bij de minste slippartij zou die hem het leven zuur hebben gemaakt of zelfs zijn voorbijgestoken. Daarachter streden Sablon, Vaes en Verleysen om de 5de plaats. De BRM-rijder die aanvankelijk zo goed vertrokken was, stapelde immers te veel fouten op elkaar en was zo, ondanks zijn onmiskenbare snelheid, teruggezakt. Het begon reeds in de tweede ronde toen hij werd afgeleid door een overstekend eekhoorntje en hij een halve ronde lang de achterkant van de Honda kon bewonderen. Sablon maakte zich niet druk om al dat snelle volk achter hem (in de tweede ronde op een gegeven moment respectievelijk Vaes, Haastrecht en Cornet) en reed ijzig kalm z’n rondjes. Hij gokte weer op regelmaat in plaats van op snelheid en hoopte daarmee iedereen te snel af te zijn en z’n eerste overwinning van het seizoen te boeken. Met de constantheid zat het wel degelijk snor, maar om voor de overwinning in aanmerking te komen, had hij toch wat meer boterhammetjes moeten eten, de Honda-rijder kon immers evenmin lang profiteren van zijn goede start. Nadat Vaes en Haastecht Sablon ter plekke hadden gelaten, begonnen ze een onderling gevecht en bleef Haastrecht een tijdlang in Vaes’ slipstream. Deze laatste viel na een barslechte zesde ronde, afgeleid door een uit de kluiten gewassen haas die de baan overstak, terug tot de 7de plaats, achter Verleysen en Sablon. Ook Verleysen had zich bij het ingaan van de vijfde ronde eindelijk voorbij de stukken tragere Sablon gewerkt en ging meteen op zoek naar het voor hem rijdende tweetal. Toen het probleem Vaes zich als vanzelf oploste, was Haastrecht de volgende op zijn hit list. Daarbij werd hij toch wat te overmoedig en toen hij in de achtste ronde de Lotus-rijder en dus de 3de plaats in zicht kreeg, was het uit met de pret. Geleidelijk viel hij door een te grote foutenlast terug naar de 6de plaats en moest hij van voren af aan beginnen. De jonge Eagle-rijder kwam zelfs even achter Vaes terecht, maar de BRM-rijder werd van de wijs gebracht door een volwassen hert dat het circuit overstak en zo definitief naar de 7de plek verwezen. Verleysen toonde zich opnieuw duidelijk sneller dan Sablon, maar net toen hij weer aardig in de buurt kwam en zich al vrolijk maakte over het binnenrijven van de 5de plaats flaterde hij alweer. Toen lagen de posities voor deze drie rijders vast : Sablon, Verleysen en Vaes. En hoe verliep de wedstrijd van de olijkerd Cornet ? De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat die niet helemaal naar wens ging. Tot de derde ronde kon hij het ritme nog vrij goed volgen, maar daarna ging het voor hem van kwaad naar erger en op het einde ging hij helemaal de mist in. Dat tot meerdere eer en glorie van Hans Haast die hierdoor voor het eerst dit seizoen niet als laatste eindigde, waarvoor hulde. Cornet zwoer dat hij in het vervolg wel tweemaal zou nadenken eer hij nogmaals zo’n pr-stunt uithaalt. Zo eindigde voor divisie 4 het DSZ 3-seizoen toch niet helemaal met een déjà vu-gevoel. Ondanks Kuyntjes’ overwicht, zowel in deze wedstrijd als in de loop van hele seizoen, konden een aantal individuele wedstrijden toch voldoende boeien om de annalen in te gaan. Ook boekten enkele deelnemers tijdens de loop van dit seizoen heel wat vooruitgang zowel qua zuivere snelheid als qua resultaten. Laat ons hopen dat dit niet de zwanenzang was van Grand Prix Legends in DSZ-verband. Volgens de recentste geruchten zou een compleet verwilderde Denis van Beek in de Russische taiga zijn gesignaleerd, achtervolgd door een verre nakomeling van het Erymanthische everzwijn.

vrijdag 19 januari 2007

Metamorfosen

De week tussen kerst en nieuw had ik verlof en in de eerste week van het nieuwe jaar ook nog 2 dagen. Ik heb me toen aan een experiment gewaagd, omdat ik in die periode toch niet te 'presentabel' moest zijn en besloot om eens een baard te laten groeien, gewoon om te weten hoe ik er dan zou uitzien.

Vroeger heb ik al wel bakkebaarden gehad, een snor en een ringbaard, maar nog nooit een volle baard en ik was wel benieuwd naar het resultaat. De eerste dagen was het niet zo bijzonder, maar blijkbaar heeft M dat om een of andere reden wel graag. Maar na een weekje mocht het resultaat er eigenlijk wel zijn, ondanks die paar kleine plekken met weinig of geen begroeiing. En toen ik een paar dagen later op het werk verscheen, waren de reacties overwegend positief. Een greep : "je ziet er ouder uit" (versta : je ziet er niet meer als een snotaap uit), "dat staat je goed" en "tof". Een mannelijke collega zag het niet zo zitten en had het al schertsend over "un vilain barbu", maar daar maakte ik me niet zoveel zorgen om. Om eerlijk te zijn, vond ik de gunstige reacties wel leuk, want dat had ik niet verwacht.

Helaas, maar volkomen volgens de verwachtingen, bleef de baard echter elke dag maar groeien en na twee weken was mijn geduld op. Hij moest eraf, want hij werd echt te lang naar mijn zin. Omdat ik geen trimtoestel heb, bleef me geen andere keuze dan hem volledig af te scheren. Na die routinejob heb ik mezelf tweemaal bekeken in de spiegel en dat van het ouder lijken, klopte zowaar. Voor me stond weer iemand die een verjongingskuur had ondergaan en eigenlijk was ik zelfs wat teleurgesteld. Bovendien zag ik er opnieuw iets minder angstaanjagend en verwilderd uit, waardoor het schorremorrie dat hier rondloopt niet meer automatisch van mij gaat lopen als ze me zien aankomen. Ik heb mezelf beloofd dat ik tegen de volgende keer dat ik nog eens een baard laat groeien, een trimtoestel moet kopen, zodat het niet meteen meer alles of niets is. Zijn het eigenlijk geen solden nu ? En is het binnen een dikke maand geen krokusverlof ?

Een ander metamorfose die zich hier en nu voltrekt, is van een ernstiger aard. Het gaat eigenlijk eerder om een bekering. R, die in oktober 7 jaar werd, heeft enkele Pakistaanse vriendjes en tot voor enkele maanden discussieerden ze vaak luidruchtig over het al dan niet bestaan van Allah. R hield vol dat hij er niet in geloofde en de twee andere jongens beweerden bij hoog en bij laag het tegendeel. Het is daar een hele tijd stil rond geweest, maar of dat een goed teken was ?

Enkele dagen geleden bekende R schoorvoetend en verlegen dat hij af en toe wel eens tot Allah bidde. Wij waren stomverbaasd, maar hoopten dat het maar een onbedachtzame uitspraak was van een kind. Quod non. De dag erop ontspon zich 's morgens een hevige discussie tussen M en R. R wilde geen vlees meer tussen zijn boterhammen voor school en verkondigde dat met M niet meer over Allah wou spreken. Dit leek geen gewone gril of stommiteit te zijn, er leek iets meer achter te zitten. Voor zover ik het begrepen heb, willen zijn vriendjes (wie precies en met hoeveel zijn ze ?) niet meer met hem spelen als hij geen moslim wordt. In hoeverre dat kinderpraat is, kunnen wij nog niet beoordelen, maar we vinden het toch maar bedenkelijk.

Vandaag heeft M dit aangekaart bij de directeur van de school en hij zou nagaan wat er precies aan de hand is. Tegen volgende week weten we meer. Het feit dat hij zo plots iets met godsdienst heeft en de islam in het bijzonder, deed ons toch wat schrikken, want hij volgt zedenleer en heeft ons eigenlijk nog maar weinig vragen gesteld i.v.m. religie. Wat mij vooral tegen de borst stuit is de aantasting van zijn integriteit (daar lijkt het vanop afstand toch op). Ons kind lijkt te worden geïndroctrineerd en dat schrikt me af, maar mogelijk maken we van een mug een olifant. Afwachten maar waar dit op uitloopt.

Je kunt moeilijk zijn leeftijdsgenootjes beschuldigen van bekeerdrift, maar het doet me afvragen hoe er bij die kinderen thuis met godsdienst wordt omgegaan. Als ze bij ons komen spelen, verbieden hun ouders hen iets te eten of drinken (uit vrees voor verboden voedsel ?), maar anderzijds wuifde de vader van de Pakistaanse kinderen hun eerdere geruzie weg als kinderachtig gedoe, wat erop kan wijzen dat het voor hem niet zo'n groot belang heeft. 't Is delicaat allemaal, want we zouden ze niet uit elkaar rukken, maar dit evenmin laten betijen.

donderdag 18 januari 2007

Is het hek nu van de dam ?

Het is dus bekend geraakt dat ik me ook bezighou met zoiets banaals als een blog. Wat een klap voor mijn imago zeg... Mijn street credibility ligt in stukken vaneen. Ik doe mee met de massa, met hypes. Maar eigen schuld, dikke bult.

Een eenvoudige opmerking/vraag leidde op een forum bestemd voor randdebielen tot een heuse lawine van verzoeken om het adres toch maar bekend te maken. Edelmoedig als ik ben, kon ik uiteindelijk al deze goede, maar lang geen simpele zielen niet teleurstellen en ziedaar het eerste resultaat : een huisvrouw en een maagd die zich kenbaar maken. Welkom alvast !

De realiteit was uiteraard iets prozaïscher, maar die verzwijg ik lekker ! :-p

Om verder te breien op mijn vorige artikel, beide dames zijn er vermoedelijk mee de oorzaak van dat ik hier nu alweer zit. En M ook, want we hebben elkaar tegen het eind van vorig jaar enkele dagen zitten opjutten over wie nu eerst een blog zou starten. Het spreekt vanzelf dat zij meer karakter heeft getoond en dat ik bezweken ben. 't Is fraai. Op de hare zit ik nu nog steeds te wachten.

Vandaag heb ik trouwens nog maar eens blijk gegeven van burgerzin. Ik heb een omvergevallen of -gewaaid nadarhek dat het voetpad deels versperde, rechtgezet. Enkele dagen geleden lag het daar al en toen heb ik m'n uiterste best gedaan het te negeren. Achteraf spookte het wel wat door m'n hoofd en ziedaar, vandaag was er aan zijn toestand nog niet veel veranderd en heb ik besloten een heldhaftige daad te stellen door het helemaal alleen recht te zetten, terwijl er horden pendelaars op stonden te kijken en me vermoedelijk half gek verklaarden. Misschien lanceerde er wel een of ander jonkvrouw een bewonderende blik, maar dat is me ontgaan. Wat me daarentegen niet ontging waren de benen van een onbekende vrouw wier rok door de wind werd omhooggeblazen !

dinsdag 16 januari 2007

Wat zet een mens ertoe aan om een blog te beginnen ?

En dan vooral iemand als ik, die haast als devies heeft : wantrouw trends.

Het is een vraag die me al van bij het begin van deze blog bezig houdt. Is het ijdelheid, is het gewoon vermaak of verstrooiing om niet aan iets anders te denken ? Zelf ben ik nooit een veelschrijver geweest en voor zoiets als een dagboek had ik vroeger de vereiste discipline niet en evenmin de motivatie. En kijk nu ; sinds enkele dagen post ik hier trouw een bericht. Begrijpe wie kan, al vermoed ik dat deze blog uiteindelijk zal uitdoven wegens vroeg of laat geen zin of inspiratie meer om hier regelmatig iets te zetten en mogelijk ook wegens een totaal gebrek aan lezers (wat ik overigens helemaal aan mezelf te danken heb en wat ik eigenlijk ook wel grappig vind).

Echte vrienden schrijf ik per jaar misschien gemiddeld 3/4 van een brief, mijn ouders zie ik meestal eenmaal per maand en goede kameraden spreek, zie of ontmoet ik vaak maar om de zoveel maanden. En nu zit ik hier alweer aan een tekst te werken en dat voor vermoedelijk compleet onbekenden. Ergens klopt er iets niet.

Nog zoiets vreemd is het feit dat ik in plaats van echt de pen te hanteren, nu zit te typen en dat niet eens met tegenzin doe. Ik merk echter wel dat het gewoon schrijven met een balpen me meer moeite kost dan voorheen, waarmee ik bedoel dat leesbaar schrijven voor anderen zonder dat ik iets moet corrigeren steeds minder voorkomt. Mijn geschrift is zo al niet makkelijk ontcijferbaar voor iemand die er niet mee vertrouwd is, maar als ik een gewoon postkaartje moet schrijven, moet ik daar echt de tijd voor nemen en me er terdege rekenschap van geven dat het kaartje bestemd is om door iemand anders te worden gelezen. Zo moet ik er op voorhand goed over nadenken wat ik zal schrijven en hoe, want anders, als ik niet geconcentreerd blijf en daarbij nog begin te improviseren en zo de draad stilletjesaan kwijtraak (wat ook hier en nu lijkt te gebeuren), dreigt het echt moeilijk leesbaar te worden. Vroeger was dat toch minder het geval, heb ik de indruk.

Beroepsmatig moet ik namelijk vaak notuleren tijdens vergaderingen en schrijf ik soms haast onleesbaar, zeker voor derden. Later verwerk ik mijn nota's dan via tekstverwerking in een verslag, maar daar komt geen echt schrijven meer bij te pas, maar louter typen. Daardoor, heb ik de indruk, is snel noteren een tweede natuur geworden en kost het me echt moeite om traag en voor iemand anders leesbaar en foutloos te schrijven. Mijn handgeschreven notities van vergaderingen krijgt toch haast niemand onder ogen en een fout meer of minder is daar niet zo belangrijk, zolang de inhoud klopt. Bij het opmaken van de notulen filter ik de schrijffouten er dan wel uit (als ik ze zie welteverstaan). Enfin, als ik dit fenomeen beter begrijp, zal ik beslist niet nalaten u, geïnteresseerde lezer, daarover te berichten en te onderhouden.

Tijd om te gaan slapen wat mij betreft al zal het ook deze keer helaas zonder voorafgaande orale seks zijn.

maandag 15 januari 2007

Wat zet een mens ertoe aan het motorrijwielensalon te bezoeken ?

Tja, een jaarlijks weerkerende afspraak lijkt het wel, terwijl ik me tijdens vorige edities al meermaals de bedenking maakte : "is that all there is (to it) ?" Deze keer vreemd genoeg niet, niettegenstaande het feit dat ik maar over grosso modo 2 uurtjes beschikte om al dat fraais aan m'n kritisch oog te onderwerpen (R en S tijdig afhalen van school weetjewel).

De trein van half negen genomen en rond kwart voor tien met een beetje vertraging in Brussel Noord aangekomen. Het snelst is eigenlijk naar Brussel Centraal rijden en daar de metro nemen, maar ik stond erop om een stuk met de tram te doen i.p.v. met de ondergrondse. Zo beleef je de stad toch nog iets meer, ook al heeftme dat een serieuze vertraging opgeleverd. Na het betalen van het ticket me dan maar in draf naar de paleizen gespoed waar de motorfietsen en toebehoren stonden (8 en 9). De eerste stand die ik trof was die van Benelli en vooral de Tornado trok mijn aandacht. Mooi, mooi en de ventilatoren in de 'uitlaten' onder het kontje blijven speciaal.


Ernaast was de stand van Triumph neergepoot. Een van de paar merken waarvoor ik gekomen was. De 'oude' Tiger stond er nog steeds en bovendien interessant geprijsd, met allerlei opties. De nieuwe is optisch helaas niet meer zo typisch als de vorige. De Sprint ST is beslist ook een machine die er mag zijn, evenals zowat het hele Triumph-gamma. Aaaaah...

Verder gaat het langs andere merken. H-D heb ik links laten liggen, net zoals zustermerk Buell, want ik had niet zoveel tijd en die motorfietsen interesseren me minder of niet. Helaas bevonden zich daar naar verluidt wel enkele deernen die het bezichtigen waard waren.

Kawasaki was het volgende merk waar ik langere tijd bleef staan en het moet gezegd, de GTR1400 is een indrukwekkende verschijning : lang, breed en oogt zwaar en bijzonder krachtig. Hopelijk is hij wendbaarder dan hij laat uitschijnen en dan zie ik niet in waarom dat geen verkoopstopper wordt. Helaas bevonden zich op de Kawasaki-stand ook enkele draken, zoals de Z750. Lelijk en dan wik ik m'n woorden nog.

Na Kawasaki kwam Ducati aan de beurt en zoals ik al vreesde, geen Supersport meer te bekennen. Echter wel de nagelnieuwe 1098, ontegensprekelijk een pracht van een machine (dat in tegenstelling tot hun 999-reeks). Maar wel duur.

De laatste stand waar ik echt een poosje ben blijven rondhangen, was die van Moto Guzzi. Na enkele jaren van afwezigheid is dit beroemde merk opnieuw vertegenwoordigd op het 'salon' en dat deed goed. Ze hebben er hun plaats en hun gamma wordt intussen ook gemoderniseerd dankzij vers kapitaal.

Tot daar een beknopte impressie. Waarom ben ik er uiteindelijk toch naartoe gegaan terwijl ik tot gisteren bleef twijfelen of het wel de moeite zou lonen ? Ach, het is per slot van rekening zowat de grootste showroom van België en er zijn altijd wel koopjes te doen als je het slim speelt (iets waar ik niet goed in ben en dus ga ik steevast met lege handen naar huis. Aan een goede tweedehandsmotor beleef je immers net zoveel plezier). Bovendien kun je ook de toebehoren eens goed bekijken (een merk als Rukka heb ik nog nooit ergens anders gezien). En soms kom je zelfs een bekende tegen of anders ga je gewoon in groep als je daar behoefte aan hebt. Plezier gegarandeerd vermoed ik.


Tot slot nog een eerbetoontje aan de voorlopig ter ziele gegane Ducati Supersport, of althans de versie die ik me eventueel had kunnen veroorloven (de klassieker uit de jaren '70 uiteraard niet) :

zondag 14 januari 2007

Binnenkort middenstander ?

Eindelijk heeft M. een bezigheid gevonden die haar volledig opslorpt. Na jaren van regelmatig geklaag dat ze geen hobby heeft, lijkt de verlossing nabij. Na enkele breibuien, fitnessen, lopen toen ze (veel) jonger was, kinderkamers en andere vertrekken inrichten, is er iets dat haar enthousiasme zelfs na een paar weken nog steeds opwekt, wat hier nooit gezien is : brood bakken !!

Enkele weken was er bij Aldi een promotie en aangezien ze al eens een paar keer discrete hinten had gegeven dat ze wel graag een broodbakmachine zou willen hebben, greep ik mijn kans om haar te schenken wat haar hartje zo begeerde. Toen ze de grote doos zag staan, maakte ze een sprongetje en klapte van blijdschap de handen in elkaar.

Amper een of twee dagen later begon ze al een brood te bakken en wonder boven wonder, dat lukte van meet af aan, waarmee ze een vriendin de loef afstak die bij het maken van haar eerste ‘brood’ grandioos de mist in ging. M’s probeersel smaakte vrij goed en had precies de bedoelde vorm. Daarna volgde nog meer gewone broden en eveneens multigranenbroden, maar deze laatste heeft ze nog niet helemaal onder de knie, want die zakten (een beetje) in.

Kroon op het werk tot nu toe waren de pistolets die ze gisteren gebakken heeft. Daar komt heel wat meer bij kijken dan gewoon de nodige ingrediënten bij elkaar kappen in een bak en de machine de rest laten doen. Ik zou zelfs durven stellen dat daar heus vakmanschap bij te pas komt : het deeg dient oordeelkundig bereid ! Hoe dat ingewikkelde procédé precies , gaat mijn petje alvast te boven, maar feit is dat we lekkere pistolets gegeten hebben en dat er mogelijk al een markt is aangeboord van geïnteresseerde klanten. Haar vader was er in ieder geval zeer over te spreken. Haar moeder bleek wantrouwiger, want zij heeft het blijkbaar vertikt er ook maar een hap van te nemen, maar was niettemin enthousiast over de kleur en textuur. Dit is wat ons betreft in ieder geval voor herhaling vatbaar en wie weet loopt men binnenkort onze deur plat voor de beste pistolets in onze wijk !

Gisteren ook nog de tweede helft van de film Von Helsing bekeken. Wat een klucht. Nauwelijks tot geen spanning, bedroevende acteerprestaties, speciale effecten die dermate overdreven waren dat ze het geheel lachwekkend maken. Bah, dan nog liever een oude Hammer-film met bijvoorbeeld Christopher Lee en Peter Cushing, al waren dat ook al B-films. Maar ten minste stukken genietbaarder.

vrijdag 12 januari 2007

Ik word polyvalent

En is dat geen vereiste om het in de wereld van vandaag te maken ?!

Vandaag heb ik mijn eerste les ooit gegeven. Enigszins nerveus, maar minder dan ik eigenlijk verwacht had, leefde ik er de voorbije weken en dagen naartoe. Het was vooral vanmorgen op het werk dat ik een beetje 'trac' kreeg. Gelukkig had ik toen heel wat te doen, zodat ik mijn gedachten nog wat kon verzetten en was ik goedgemutst thuis vertrokken dankzij een liedje van Pete Townsend dat werd gespeeld voor ik vertrok (Let my love open the door ; een niemendalletje, zeker als je zijn overig werk bekijkt, maar ligt goed in het gehoor en beurt me telkens op). Een paar weken geleden had men ons laten weten (mij en mijn Franstalige collega die de cursus eigenlijk geeft, maar me vanwege de Brusselse realiteit gevraagd had of ik de les(sen) voor Nederlandstalige rekruten voor mijn rekening wou nemen, iets waar ik niet om te springen stond, maar wat ik eigenlijk moeilijk kon weigeren omdat ik om verschillende redenen de aangewezen persoon was) dat het klaslokaal op vrijdag 12 januari om 10 uur voor ons was gereserveerd.

De 'cursus' kende ik nog bij benadering maar eigenlijk niet goed genoeg om echt vlot over te komen, ook al had ik hem 'cursus' onlangs zelf vertaald. Niet echt professioneel van mij dus om hem pas vandaag nog eens boven te halen en snel door te nemen. Het ligt in mijn aard om dingen waar ik geen zin in heb of die ik niet graag doe voor me uit te schuiven tot wanneer ik echt niet anders meer kan dan de confrontatie ermee aangaan.

Vanmorgen posteerden wij (ik en mijn bevallige collega Laetitia) ons bijgevolg strategisch aan de deur van het klasje om de cursisten welkom te heten. Er daagde echter niemand op... Navraag bij de dienst Instructie leerde dat de les buiten ons medeweten was verplaatst naar 13 uur. Dat was een beetje een afknapper. Ik had me er psychologisch helemaal op voorbereid en dan zo'n koude douche.

Tweede keer, goede keer hoopten we om 13 uur, maar opnieuw daagde er niemand op... Wij weer naar de Instructie waar iemand ons doodleuk vertelde dat de rekruten les hadden op de binnenplaats van de kazerne. De goede man repte zich naar beneden om ze te gaan halen ; gelukkig is hij (een al wat ouder wordende) sportmonitor, dus dat kleine stukje lopen heeft hem geen kwaad gedaan. Wat later verschenen dan eindelijk onze 'leerlingen'.

Eenmaal in de klas nog een coup de théâtre : "maar dat hebben we vanmorgen al gezien !?" Wat bleek : de persoon die hen om 10 had lesgegeven in onze plaats had na het overlopen van zijn materie nog wat tijd over en was op eigen houtje begonnen hen bij te brengen hoe ze een ziekenwagenformulier moesten invullen en waar ze op moesten letten (wat wij dus eigenlijk van plan waren te doen). Hilariteit alom in de klas en wij toch even stomverbaasd. Gelukkig waren we niet uit het lood geslagen en hebben we hen dan even het hoe en het waarom van dat uurtje toelichting gegeven. Vrijdagnamiddag is waarschijnlijk geen ideaal moment om les te geven (en te krijgen), want sommigen waren nogal makkelijk afgeleid. Ik heb dan ook al meteen mijn stoute schoenen moeten aantrekken (tegenover mensen waarvan sommigen ouder waren dan ikzelf) en hen streng toegesproken. Uiteraard had dat effect en daarna was er beduidend minder geroezemoes.

Door de mank lopende communicatie bij ons (een gekend euvel) is mijn eerste dag als leerkracht niet echt ideaal verlopen, maar mede dankzij de hulp van mijn 'assistente' heb ik me toch vrij goed uit de slag getrokken. Ik ben op de goede weg en wie weet word ik ook nog wel flexibel !

donderdag 11 januari 2007

HA ! Belofte maakt schuld !
Mijn eerste portie ergernis op deze blog, juich allen.
Toen ik vanmorgen na het opstaan en wassen de transistorradio opzette om tijdens m’n ontbijt naar het nieuws van 6.00 uur te luisteren, verslikte ik me bijna in m’n boterham. Geen weerbericht voor vandaag verdorie !!

Ik denk dat het niet de eerste keer is, maar helemaal zeker ben ik niet. Echter, voor mij is dat vaak van fundamenteel belang, want hoe weet ik anders of ik mijn pet en/of andere regenkledij moet meenemen als ik mij per fiets naar het station begeef ? Hoe weet ik of ik windstoten kan verwachten die me eventueel op het andere baanvak zullen blazen of recht de beek in ? Hoe weet ik of het vannacht niet plots geijzeld heeft en dat ik dus extra voorzichtig moet zijn ?

Alle gekheid op een stokje nu. Mijn punt is eigenlijk dat ik eerst moest wennen aan een nieuw deuntje voor het nieuws, vervolgens aan een weerbericht dat op alle nieuwsberichten volgde i.p.v. ze vooraf te gaan en vandaag was er helemaal geen weerbericht meer. Ik hoop dat dit eenmalig was maar vrees er een beetje voor. Er lijken geen zekerheden meer te bestaan in radioland. Het principe van de universele dienstverlening komt in het gedrang ! Bovendien wordt er een grote hervorming verwacht van Radio 1 en ik hou mijn hart al een beetje vast wat daarvan het resultaat zal zijn.

Gelukkig was vandaag Lode Roels de presentator en niet Roger De Knijf, wiens stijl en stem ik niet zo goed verdraag. Ik vind het ook zo vervelend dat de presentator na het nieuws nauwelijks de tijd krijgt om iets te zeggen, want de intro van het eerste liedje is reeds begonnen. Waarom mag er niet meer worden gepraat op de radio ?

Aansluitend daarop trouwens nog even klagen over de bijzonder slechte radio-ontvangst op mijn werk. Hoewel dat in hartje Brussel gelegen is, blijft die daar eenvoudigweg abominabel als je Radio 1 of Radio 3 (gaat nog net) wil beluisteren. Meestal zet ik dan ook een cd op, maar de cd-speler heeft zijn beste tijd blijkbaar ook gehad en weigert sinds een paar maanden vaker wel dan niet dienst.

Gelukkig bereikte ik vanmorgen het station veilig en wel èn droog bovendien. Vanavond was dan weer een ander verhaal en is mijn pet dus toch nog van pas gekomen.

maandag 8 januari 2007

Halli hallo

Mijn eerste stap in blogland.
Geen idee wat dit onnozele idee zal brengen. We zien wel. Beschouw het als een 'work in progress'. Teksten zullen waarschijnlijk ook voortdurend worden bijgeschaafd.

Verwacht alvast veel seks, drugs en rock & roll !
En vermoedelijk ook wel heel wat geëmmer en ergernis over vanalles en nog wat.

Eigenlijk is dit geen goed idee. Ik beklaag het me nu al...

Weg lezer, weg, ik gebied het u !!