Vorige week maakte vriend PC me erop attent dat Pere Ubu naar de Botanique kwam. Het kostte me weinig tijd om te beslissen dat ik ze aan het werk wilde zien, anderhalf jaar na de eerste keer, waarvan ik sterk onder de indruk was.
Gisteren dus wat langer op het werk gebleven om iets af te maken en dan op m'n gemak naar het centrum gewandeld om iets te gaan eten. De keuze viel uiteindelijk op het Vietnamese restaurantje Thiên Long in de Van Arteveldestraat, een van m'n vaste adressen. Een heerlijke pho en een gegrilde banaan later stond ik weer op straat en wandelde nog even wat op goed geluk rond.
Daarna naar de Botanique, waar ik m'n ticket nog moest afhalen en wachten tot we binnen mochten. Ik informeerde ook nog snel of er een voorprogramma was, want zo ja, dan had ik vermoedelijk de laatste trein naar huis gemist, waardoor ik zou moeten improviseren. Maar dat bleek niet het geval (oef) en de band zou zich zelfs vrij stipt aan het schema houden : 2x 45 minuten, met een pauze van 20 minuten. Beetje vreemd, maar het was ook al wat bizar dat er enkel zitplaatsen te verkrijgen waren. Het evenement werd dan ook niet aangekondigd als een traditioneel concert, maar als een mengeling van theater en muziek : 'Long live Père Ubu'...
Het werd dus inderdaad een wat bizarre avond. Het ging eigenlijk om een project waar David Thomas recent op tournee is vertrokken : het toneelstuk 'Père Ubu' van Alfred Jarry op een eigenwijze manier gebracht door de groep. Blijkbaar is hun versie nogal dynamisch, want naar verluidt wijzigt Thomaer er haast elke avond wel iets aan, waardoor de bandleden niet altijd even goed ingespeeld zijn en dat maakt soms een rommelige indruk. Andere keren leidt het dan tot grappige situaties. Thomas zat er trouwens ook meer dan eens naast.
Echt veel muziek werd er niet gespeeld, wat toch heel wat aanwezigen moet hebben teleurgesteld (mij ook). Alleen na het einde van het stuk, kregen we als toemaatje een drietal songs, waaronder een krachtig "Non-Alignment Pact". Daarbij was het eigenaardig om zien hoe ongetwijfeld respectabele dames met handtas uit de bol gaan op dergelijke muziek. En net als vorige keer zat er ook nu vlakbij mij iemand die blijkbaar half kinds wordt zodra hij een idool ziet en bij de minste beweging, gespeelde muzieknoot of elk woord uit z'n bol ging.
Na Yo La Tengo was dit dus m'n tweede 'concert' in de Botanique en voor de tweede maal in een ongewone vorm. Toch twee keer nadenken vooraleer ik die cultuurtempel nog eens bezoek.
O ja, de trein naar huis was heel stipt. Mooi van de NMBS. Misschien moet ik wat vaker de trein van 22.46 u nemen.
woensdag 30 september 2009
maandag 28 september 2009
Beeldschoon
Dezer dagen wordt wat mij betreft volkomen terecht teruggekeken op de loopbaan van Brigitte Bardot, een icoon bij uitstek van de sensuele Vrouw
De voorbije maanden heb ik twee films gezien met actrices wie die eer beslist ook te beurt mag vallen : Sofia Loren en Claudia Cardinale.

Sofia Loren in 'Un matrimonio all'italiana', een film daterend van 1964, waarin ze samen met Marcello Mastroianni de hoofdrollen vertolkte.

En de tweede in het indrukwekkende westernepos 'C'era una volta il West' (Once upon a time in the West). Henry Fonda speelt daarin ook een van zijn beste en moedigste rollen, denk ik, omdat hij in deze film de 'bad guy' is en niet zomaar een 'slechterik' maar iemand die door en door slecht is. Daarmee ging hij lijnrecht in tegen zijn imago.
Enfin, deze dames mogen elke dag mijn fantasieën komen bevolken.
De voorbije maanden heb ik twee films gezien met actrices wie die eer beslist ook te beurt mag vallen : Sofia Loren en Claudia Cardinale.

Sofia Loren in 'Un matrimonio all'italiana', een film daterend van 1964, waarin ze samen met Marcello Mastroianni de hoofdrollen vertolkte.

En de tweede in het indrukwekkende westernepos 'C'era una volta il West' (Once upon a time in the West). Henry Fonda speelt daarin ook een van zijn beste en moedigste rollen, denk ik, omdat hij in deze film de 'bad guy' is en niet zomaar een 'slechterik' maar iemand die door en door slecht is. Daarmee ging hij lijnrecht in tegen zijn imago.
Enfin, deze dames mogen elke dag mijn fantasieën komen bevolken.
maandag 21 september 2009
Oblomov
Ha ! Het is al ettelijke maanden geleden dat ik hier nog over boeken gerept heb.
Wel, dat komt enerzijds omdat ik de hele tijd zoet was met een vuistdik boek gecompileerde werken van Erasmus en anderzijds omdat ik een tweede poging ondernam om een boek te lezen waar ik me al eens vruchteloos door had trachten te worstelen.
Erasmus was voor mij een vrij aangename verrassing, want buiten zijn ‘Eloge de la folie’ had ik nog nooit iets van hem gelezen. Zijn pedagogische werken blijven actueel, zijn pacifisme doet deugd om te lezen, zijn humor is verfrissend, zijn uitzonderlijke intelligentie staat buiten kijf, zijn geloof kan heden ten dage naïef of wereldvreemd overkomen, maar stoort niet echt. Erasmus lijkt me echt wel een modern denker die je begint te beseffen wat voor grote invloed hij uitgeoefend heeft op allerlei vlak.
Het was bij momenten echt wel verfrissende lectuur, maar een paar maanden aan een stuk niets anders als Erasmus zou ik nu toch ook niet iedereen aanraden.
Er blijft wel nog een hoofdstuk van 250 bladzijden over dat ik moet lezen met een beperkte selectie van zijn correspondentie. Dat is voor een andere keer.
Na deze verzamelde werken van Erasmus, probeerde ik nogmaals "Wegen van de filosofie" te lezen van Paul Ricoeur, nadat ik een eerste poging enkele maanden geleden afbrak wegens te hermetisch voor mij. Ditmaal lukte het me wel het boek bestaande uit verschillende essays uit te lezen. Structuralisme in de taal en antropologie, de Saussure, Guillaume, Lévi-Strauss, Freud, religie, Oud en Nieuw Testament, Hegel, fenomenologie, allemaal onderwerpen die aan bod komen. Ik denk dat ik het bij deze lezing allemaal een stuk beter vatte, ook omdat ik m'n tijd nam en rustig las, maar om er dan zelf nog veel zinnige gedachten aan toe te voegen of zelf bedenkingen te hebben bij hetgeen ik las, neen, dat was te veel gevraagd. Een aantal zaken herkende ik wel, dankzij m'n opleiding (de tegenstelling langue - parole (- discours) bijvoorbeeld), wat toch voor enige aanknopingspunten zorgde. Nieuw voor me was bijvoorbeeld hoe Freud religie analyseerde en 'ontmaskerde', ook al was zijn visie ook maar een mogelijke interpretatie.

Twee weken geleden ben ik dan begonnen in "Oblomov", een klassieker van de Rus Ivan Gontsjarov. Eerlijk gezegd was dit een ware verademing na de toch wel droge en zware kost die Paul Ricoeur voorschotelde.
Dit werk heb ik halfweg de jaren ’90 al eens gelezen, maar het liet een zo’n positieve indruk op me na, dat ik me al enkele jaren had voorgenomen het opnieuw te lezen.
Ilja Iljitsj Oblomov is een aristocraat die zijn dagen slijt met haast letterlijk nietsdoen, rusten, dromen, slapen. Ergens herken ik mezelf er ook een beetje in ; het voor zich uit schuiven van problemen bijvoorbeeld of, zeker de laatste maanden, gewoon het huis nog moeilijk uitkomen en iets doen.
De eerste tientallen bladzijden vind ik bij momenten ware slapstick. Verschillende personages worden voorgesteld, misschien enigszins karikaturaal en geconfronteerd met de protagonist.
Momenteel lijkt de jonge Olga Oblomov uit zijn lethargie te kunnen halen, maar net als ze zijn leven een nieuwe wending lijken te gaan geven, haalt zijn verleden hem in de vorm van oude kennissen, in.
Tekenend voor het hoofdpersonage is dat een van de weinige keren dat Oblomov echt tot actie overgaat is om een brief te schrijven waarin hij afscheid neemt van Olga. Voor een poosje komt het daarna weer goed tussen beide, maar helaas loopt alles toch faliekant af (daar ben ik nog niet geraakt).
Ik herinner me dat ik toch nogal getroffen was toen ik het boek een eerste keer las en het lijkt erop dat dit nu ook weer het geval is. Ik leef toch wel mee met Oblomov en blijf tegen beter weten hopen dat het goed komt tussen hem en Olga.
Wel, dat komt enerzijds omdat ik de hele tijd zoet was met een vuistdik boek gecompileerde werken van Erasmus en anderzijds omdat ik een tweede poging ondernam om een boek te lezen waar ik me al eens vruchteloos door had trachten te worstelen.
Erasmus was voor mij een vrij aangename verrassing, want buiten zijn ‘Eloge de la folie’ had ik nog nooit iets van hem gelezen. Zijn pedagogische werken blijven actueel, zijn pacifisme doet deugd om te lezen, zijn humor is verfrissend, zijn uitzonderlijke intelligentie staat buiten kijf, zijn geloof kan heden ten dage naïef of wereldvreemd overkomen, maar stoort niet echt. Erasmus lijkt me echt wel een modern denker die je begint te beseffen wat voor grote invloed hij uitgeoefend heeft op allerlei vlak.
Het was bij momenten echt wel verfrissende lectuur, maar een paar maanden aan een stuk niets anders als Erasmus zou ik nu toch ook niet iedereen aanraden.
Er blijft wel nog een hoofdstuk van 250 bladzijden over dat ik moet lezen met een beperkte selectie van zijn correspondentie. Dat is voor een andere keer.
Na deze verzamelde werken van Erasmus, probeerde ik nogmaals "Wegen van de filosofie" te lezen van Paul Ricoeur, nadat ik een eerste poging enkele maanden geleden afbrak wegens te hermetisch voor mij. Ditmaal lukte het me wel het boek bestaande uit verschillende essays uit te lezen. Structuralisme in de taal en antropologie, de Saussure, Guillaume, Lévi-Strauss, Freud, religie, Oud en Nieuw Testament, Hegel, fenomenologie, allemaal onderwerpen die aan bod komen. Ik denk dat ik het bij deze lezing allemaal een stuk beter vatte, ook omdat ik m'n tijd nam en rustig las, maar om er dan zelf nog veel zinnige gedachten aan toe te voegen of zelf bedenkingen te hebben bij hetgeen ik las, neen, dat was te veel gevraagd. Een aantal zaken herkende ik wel, dankzij m'n opleiding (de tegenstelling langue - parole (- discours) bijvoorbeeld), wat toch voor enige aanknopingspunten zorgde. Nieuw voor me was bijvoorbeeld hoe Freud religie analyseerde en 'ontmaskerde', ook al was zijn visie ook maar een mogelijke interpretatie.

Twee weken geleden ben ik dan begonnen in "Oblomov", een klassieker van de Rus Ivan Gontsjarov. Eerlijk gezegd was dit een ware verademing na de toch wel droge en zware kost die Paul Ricoeur voorschotelde.
Dit werk heb ik halfweg de jaren ’90 al eens gelezen, maar het liet een zo’n positieve indruk op me na, dat ik me al enkele jaren had voorgenomen het opnieuw te lezen.
Ilja Iljitsj Oblomov is een aristocraat die zijn dagen slijt met haast letterlijk nietsdoen, rusten, dromen, slapen. Ergens herken ik mezelf er ook een beetje in ; het voor zich uit schuiven van problemen bijvoorbeeld of, zeker de laatste maanden, gewoon het huis nog moeilijk uitkomen en iets doen.
De eerste tientallen bladzijden vind ik bij momenten ware slapstick. Verschillende personages worden voorgesteld, misschien enigszins karikaturaal en geconfronteerd met de protagonist.
Momenteel lijkt de jonge Olga Oblomov uit zijn lethargie te kunnen halen, maar net als ze zijn leven een nieuwe wending lijken te gaan geven, haalt zijn verleden hem in de vorm van oude kennissen, in.
Tekenend voor het hoofdpersonage is dat een van de weinige keren dat Oblomov echt tot actie overgaat is om een brief te schrijven waarin hij afscheid neemt van Olga. Voor een poosje komt het daarna weer goed tussen beide, maar helaas loopt alles toch faliekant af (daar ben ik nog niet geraakt).
Ik herinner me dat ik toch nogal getroffen was toen ik het boek een eerste keer las en het lijkt erop dat dit nu ook weer het geval is. Ik leef toch wel mee met Oblomov en blijf tegen beter weten hopen dat het goed komt tussen hem en Olga.
maandag 14 september 2009
Agressie
Moegeterde treinreizigers hebben vanmorgen bijna het stationspersoneel van Herentals gelyncht (Belga) !
Bijna werd vorige week maandag de haast twee maanden durende ellende enkele treinreizigers die vanuit de Antwerpse Kempen richting Antwerpen of Brussel willen sporen, te veel. Al een paar weken was er dan wel opnieuw een spoorverbinding tussen Turnhout en de rest van het land, maar wel mits overstappen, 2-maal zelfs voor mensen die naar de hoofdstad moeten.
Maandagochtend kwam de trein uit Turnhout aan in Herentals, waarna de reizigers in principe geacht worden over te stappen op de trein komende uit Neerpelt en Mol. De tijd daarvoor is doorgaans wel nogal beperkt, zoals die ochtend ook weer, te beperkt zelfs, want de Neerpelt-Mol richting Lier vertrok voor de verbouwereerde ogen van de dutskes. Weg trein naar Lier en automatisch ook weg aansluiting in Lier naar Brussel...
Dit bracht bij sommigen blijkbaar een kortsluiting teweeg ergens in de hersenpan. Een personeelslid van de NMBS verontschuldigde zich luidkeels bij ons en sommeerde zijn collega's het de misnoegde reizigers maar te gaan uitleggen dat die trein zomaar kon vertrekken zonder een 2-tal minuten te wachten. De gemoederen begonnen zich danig te verhitten, want na een tijdje hoorden diegenen die braaf op het perron stonden te wachten en hun lot gelaten droegen, geroep en getier, waarna het spoorpersoneel zich klaarblijkelijk barricadeerde in zijn containers.
Maar gelukkig is intussen alle miserie vergeten en vergeven, want deze morgen was er opnieuw, halleluja !, een rechtstreekse verbinding naar Brussel. De ruim 10 minuten vertraging namen we er maar al te graag bij en goedgemutst knuffelden we met z'n allen de treinconducteur en -begeleiders die ons op dit heuglijk evenement vergezelden en alles in goede banen leidden.
Bijna werd vorige week maandag de haast twee maanden durende ellende enkele treinreizigers die vanuit de Antwerpse Kempen richting Antwerpen of Brussel willen sporen, te veel. Al een paar weken was er dan wel opnieuw een spoorverbinding tussen Turnhout en de rest van het land, maar wel mits overstappen, 2-maal zelfs voor mensen die naar de hoofdstad moeten.
Maandagochtend kwam de trein uit Turnhout aan in Herentals, waarna de reizigers in principe geacht worden over te stappen op de trein komende uit Neerpelt en Mol. De tijd daarvoor is doorgaans wel nogal beperkt, zoals die ochtend ook weer, te beperkt zelfs, want de Neerpelt-Mol richting Lier vertrok voor de verbouwereerde ogen van de dutskes. Weg trein naar Lier en automatisch ook weg aansluiting in Lier naar Brussel...
Dit bracht bij sommigen blijkbaar een kortsluiting teweeg ergens in de hersenpan. Een personeelslid van de NMBS verontschuldigde zich luidkeels bij ons en sommeerde zijn collega's het de misnoegde reizigers maar te gaan uitleggen dat die trein zomaar kon vertrekken zonder een 2-tal minuten te wachten. De gemoederen begonnen zich danig te verhitten, want na een tijdje hoorden diegenen die braaf op het perron stonden te wachten en hun lot gelaten droegen, geroep en getier, waarna het spoorpersoneel zich klaarblijkelijk barricadeerde in zijn containers.
Maar gelukkig is intussen alle miserie vergeten en vergeven, want deze morgen was er opnieuw, halleluja !, een rechtstreekse verbinding naar Brussel. De ruim 10 minuten vertraging namen we er maar al te graag bij en goedgemutst knuffelden we met z'n allen de treinconducteur en -begeleiders die ons op dit heuglijk evenement vergezelden en alles in goede banen leidden.
zondag 13 september 2009
Gezinsuitstap
Gisteren zijn we nog eens collectief uit onze lethargische staat ontwaakt om een uitstap naar Brussel te maken. Op het programma : een restaurantbezoek en een film.
Al van bij de heenreis had iedereen een uitstekend humeur (meestal balen de kinderen een beetje als ze naar Brussel meerijden, vanwege het uur durende traject). Daarvoor zorgde een werkelijk hilarisch hoorspel over een nachtegaal. Geschater, gegiechel alom in de wagen.
Het restaurant was heel aangenaam, maar jammer genoeg nogal kort omdat de filmvoorstelling reeds om 13.55 uur begon en de keuken pas om 12.30 uur openging. Niettemin genoten van het eten : Ethiopische kost, waarvoor je geen bestek, maar gewoon je vingers gebruikt. Je krijgt in een mandje opgerold deeg (lijkt op pannekoeken), waarvan je een stukje afscheurt en daarmee wat vlees, groente of saus opschept en in de mond (je eigen of die van je disgenoten) stopt. Maar zoals gezegd hadden we geen tijd om rustig na te genieten, een dessert of een lekkere koffie te nemen.
Op het programma stond immers Panique au village, een (Brusselse) 'animatiefilm'. Het procédé ? Aan de hand van het stop motion-procédé met onbeweeglijke plastic figuurtjes een film maken. Het is een iets anders als de tegenwoordige haast verplichte Pixar-kost (wat niet denigrerend bedoeld is). Met een ongetwijfeld beperkt budget, maar veel enthousiasme en liefde een film maken met toch weinig flexibel materieel (in tegenstelling tot bijvoorbeeld de poppen van Ray Harryhausen).
Helaas voor de kinderen gingen we deze knotsgekke film in het Frans bekijken, maar aangezien de humor in de eerste plaats visueel is, hebben ze er toch van genoten. Voor wie een beetje Frans begrijpt, valt er nog een stuk meer te lachen.
Na de film kuierden we nog wat rond in Brussel op weg naar onze auto en tegen de vooravond waren we opnieuw thuis. R. wilde bij zijn overgrootmoeder gaan logeren, dus bracht M. hem tot daar. Ze had echter ook gelezen dat er 's avonds enkele evenementen gepland waren n.a.v. de opening van het nieuwe cultuurseizoen. Dit behelste onder meer straattheater door een Frans gezelschap en daarna vuurwerk. Ondanks het feit dat zaterdagavond vaak Taggart-avond is, besloten we voor een keer een uitzondering te maken en samen met S. te gaan kijken. Op weg naar een plekje om toe te kijken, zagen we al een van de reuzefiguren rustig het volk gadeslaan dat begon toe te stromen. Iets later vonden we een plaats waar we onze fiets konden stallen en vanwaar we de stoet eveneens goed konden gadeslaan. Daar vlakbij lag een gevaarlijke ogende grote 'vis' klaar.
Na wat rondkijken keerden we naar ons plekje terug en na een poosje (en na een gesprek met de schooldirecteur van onze kinderen die ons had zien staan) zagen we in de verte vanalles naderen. Inderdaad, het spektakel was begonnen en naderde het eindpunt. Aan het begin van de stoet bevonden zich twee grote kwallen, huppelende inktvisjes en zeepaarden, gevolgd door een enorme, zwevende kreeftachtige en vissen bijna zo groot als een luchtballon. En plots, schoot er vanuit het steegje waar we stonden een gigantische opblaasbare zeeslang (waarvan wij eerder dachten dat het een vis was) die de optocht aanviel en de inktvissen en zeepaarden begon op te eten. En... daarna was het wat ons betreft gedaan, want de aanblik van die wrede slang die de vredelievende zeepaarden en inktvissen oppeuzelde, was voor S. te veel. Hij wilde naar huis, want was bang geworden. De afloop van het bloedbad en de ongetwijfeld daarop volgende strijd hebben we bijgevolg gemist.
Niettemin waren we tevreden over onze dag en waren op de koop toe nog net op tijd om naar Taggart te kijken, want wegens tennis werd dat later dan gepland uitgezonden. In de verte hoorden we nog het vuurwerk, maar helaas konden we er niets van zien.
vrijdag 11 september 2009
Foute nostalgie (?)
Gisteren moest ik ineens aan een deuntje denken dat net geen twintig jaar geleden nogal vaak op Studio Brussel of op de voorloper van Radio 1 te horen was. Meer dan een radiohit is het bij ons nooit geweest denk ik. Maar ik kon me geen titel of groepsnaam herinneren.
Vandaag dan aan de hand van één enkele regel ("Baker man is baking bread") meteen gevonden over welk liedje het ging ("Baker Man" van het Deense Laid Back).
En nu ik het na al die tijd terughoor, vind ik dat het nog best beluisterbaar is. Het heeft iets waardoor het in je geheugen blijft plakken (ongetwijfeld heeft de vreemde/nietszeggende tekst er ook mee te maken).
Bovendien zou de, wat mij betreft leuke, clip door niemand minder dan Lars von Trier zjin gedraaid.
donderdag 10 september 2009
Oorlog en vrede
De voorbije weken heb ik twee verfilmingen van dit monumentale werk van Leo Tolstoj bekeken (dat ik zelf nog niet gelezen heb en dus via deze films ontdekte).
Een van de Amerikaanse beroemde pionier-regisseur King Vidor en de andere van de Sovjet-Rus Sergej Bondarchuk.
King Vidor is een van de grote namen van de Amerikaanse cinema. Volgens het aan hem gewijde Wikipedia-artikel was hij 7 decennia lang in de filmindustrie actief. Zelf kende ik zijn faam als regisseur die met grote menigten figuranten werkte. Enkele van zijn films werden klassiekers (ook uit de stomme periode).
Over Bondarchuk weet ik veel minder, daarvoor moet ik de extra's bij mijn editie eens raadplegen.
Beide films zijn groots opgezette projecten, maar Bondarchuks versie is dat in een overtreffende trap. Het oorspronkelijke werk duurde 8 uur (480 minuten). Helaas lijkt anderhalf uur daarvan onherroepelijk verloren (wegens slordigheid, minderwaardige kwaliteit van een deel van de gebruikte pellicule enz.). Althans dat zou moeten blijken uit een van de interviews die er als extra zijn bijgevoegd en ook uit het feit dat mijn editie (de Ruscico-versie) claimt de meest volledige te zijn die verkrijgbaar is. Dit valt soms ook op, als er bijzonder bruuske overgangen zijn, daar waar doorgaans geleidelijk gebeurt (zo zit Pierre Bezoechov op een bepaald moment met een Frans officier bij hem in Moskou aan tafel te dineren en het volgende moment staat Moskou reeds in brand). Dit stoort soms wel, evenals de vaak trage ontwikkeling van het verhaal of de innerlijke bespiegelingen van de personages. Mede daarom is het uitkijken van deze film een echte uithoudingstest, maar wel een die loont.
Er zouden ruim 100.000 mensen hebben meegespeeld als figurant in de film en naar verluidt werden er 35.000 kostuums voor gemaakt. Het maken van deze film nam ettelijke jaren in beslag en het zou nog steeds (rekening houdende met de inflatie) de allerduurste film ooit gemaakt zijn. De regisseur kon rekenen op de volledige medewerking van het staatsapparaat en ook van het Rode Leger (vandaar het immense aantal figuranten). Er mocht worden gefilmd in paleizen en op sommige haast letterlijk oogverblindende locaties.
De slag bij Borodino vormt een bijzonder indrukwekkend hoogtepunt van de film : duizenden en duizenden figuranten, fraaie choreografie en camerastandpunten, het uitwerken alleen al ervan moet een huzarenstuk geweest zijn, om van het filmen op zich van het geheel niet te spreken.
De Russische verfilming vat vermoedelijk ook veel meer de zogenaamde typische Russische (volks)aard weerspiegelen dan King Vidors versie. Zoals wel meer Russische films maakt de regisseur ook gebruik van een soort onirische scènes, als de personages in gedachten verzonken zijn, wat voor een wat onaards effect zorgt en waardoor het tempo heel erg gedrukt wordt. Dankzij de lengte van de film, en omdat hij door Russen werd gemaakt, besteedde men veel aandacht aan de zieleroerselen van de hoofdpersonages (er heerst ook innerlijk oorlog en vrede).
Deze film werd internationaal bekroond en wordt door kenners beschouwd als een absoluut cinematografisch hoogtepunt. Zelf weet ik er veel te weinig van om zo'n bewering al dan niet te steunen, maar ik ben wel tevreden dat ik hem gezien heb en eigenlijk zou ik hem minstens een 2de maal moeten bekijken.
De film van King Vidor ruimt daar heel wat minder plaats voor in, maar hij duurt dan ook 'maar' half zo lang : 3 uur en een half. Deze versie vormt eigenlijk een goed alternatief voor wie het echte werk niet ziet zitten wegens z'n lengte. Absolute troef is de ravissante Audrey Hepburn als Natasha, geflankeerd door een toch ietwat miscaste Henry Fonda en ook Mel Ferrer, Hepburns echtgenoot toen de film gedraaid werd en uitkwam (en die ik eigenlijk helemaal niet ken). Ook hier weer een groots opgezet project, maar meer op Westerse leest geschoeid, dus wat meer op actie en de intrige gericht dan Bondarchuks opus.
Eigenlijk vullen de twee films elkaar mooi aan en zijn ze beide de moeite van het bekijken waard. Iemand die nog geen van beiden heeft gezien, zou ik aanraden te beginnen met King Vidors versie, die toch kijkvriendelijker is en op sommige vlakken ook gewoon makkelijker om te volgen (zo toont de Amerikaanse regisseur op een begrijpelijker manier waarom en hoe de relatie tussen Natasha en vorst Bolkonski wordt afgebroken en heeft hij meer aandacht voor de Franse terugtocht uit Moskou en het bloedbad aan de Berezina). Wie daarna nog zin heeft in meer Oorlog en vrede kan het boek lezen of de Bondarchuks film trachten te bemachtigen of beide uiteraard.
Dit stukje vormt het eerste luik van een zogenaamd 'Napoleontische cyclus'. Hopelijk volgt binnenkort het tweede.
Een van de Amerikaanse beroemde pionier-regisseur King Vidor en de andere van de Sovjet-Rus Sergej Bondarchuk.
King Vidor is een van de grote namen van de Amerikaanse cinema. Volgens het aan hem gewijde Wikipedia-artikel was hij 7 decennia lang in de filmindustrie actief. Zelf kende ik zijn faam als regisseur die met grote menigten figuranten werkte. Enkele van zijn films werden klassiekers (ook uit de stomme periode).
Over Bondarchuk weet ik veel minder, daarvoor moet ik de extra's bij mijn editie eens raadplegen.
Beide films zijn groots opgezette projecten, maar Bondarchuks versie is dat in een overtreffende trap. Het oorspronkelijke werk duurde 8 uur (480 minuten). Helaas lijkt anderhalf uur daarvan onherroepelijk verloren (wegens slordigheid, minderwaardige kwaliteit van een deel van de gebruikte pellicule enz.). Althans dat zou moeten blijken uit een van de interviews die er als extra zijn bijgevoegd en ook uit het feit dat mijn editie (de Ruscico-versie) claimt de meest volledige te zijn die verkrijgbaar is. Dit valt soms ook op, als er bijzonder bruuske overgangen zijn, daar waar doorgaans geleidelijk gebeurt (zo zit Pierre Bezoechov op een bepaald moment met een Frans officier bij hem in Moskou aan tafel te dineren en het volgende moment staat Moskou reeds in brand). Dit stoort soms wel, evenals de vaak trage ontwikkeling van het verhaal of de innerlijke bespiegelingen van de personages. Mede daarom is het uitkijken van deze film een echte uithoudingstest, maar wel een die loont.
Er zouden ruim 100.000 mensen hebben meegespeeld als figurant in de film en naar verluidt werden er 35.000 kostuums voor gemaakt. Het maken van deze film nam ettelijke jaren in beslag en het zou nog steeds (rekening houdende met de inflatie) de allerduurste film ooit gemaakt zijn. De regisseur kon rekenen op de volledige medewerking van het staatsapparaat en ook van het Rode Leger (vandaar het immense aantal figuranten). Er mocht worden gefilmd in paleizen en op sommige haast letterlijk oogverblindende locaties.
De slag bij Borodino vormt een bijzonder indrukwekkend hoogtepunt van de film : duizenden en duizenden figuranten, fraaie choreografie en camerastandpunten, het uitwerken alleen al ervan moet een huzarenstuk geweest zijn, om van het filmen op zich van het geheel niet te spreken.
De Russische verfilming vat vermoedelijk ook veel meer de zogenaamde typische Russische (volks)aard weerspiegelen dan King Vidors versie. Zoals wel meer Russische films maakt de regisseur ook gebruik van een soort onirische scènes, als de personages in gedachten verzonken zijn, wat voor een wat onaards effect zorgt en waardoor het tempo heel erg gedrukt wordt. Dankzij de lengte van de film, en omdat hij door Russen werd gemaakt, besteedde men veel aandacht aan de zieleroerselen van de hoofdpersonages (er heerst ook innerlijk oorlog en vrede).
Deze film werd internationaal bekroond en wordt door kenners beschouwd als een absoluut cinematografisch hoogtepunt. Zelf weet ik er veel te weinig van om zo'n bewering al dan niet te steunen, maar ik ben wel tevreden dat ik hem gezien heb en eigenlijk zou ik hem minstens een 2de maal moeten bekijken.
De film van King Vidor ruimt daar heel wat minder plaats voor in, maar hij duurt dan ook 'maar' half zo lang : 3 uur en een half. Deze versie vormt eigenlijk een goed alternatief voor wie het echte werk niet ziet zitten wegens z'n lengte. Absolute troef is de ravissante Audrey Hepburn als Natasha, geflankeerd door een toch ietwat miscaste Henry Fonda en ook Mel Ferrer, Hepburns echtgenoot toen de film gedraaid werd en uitkwam (en die ik eigenlijk helemaal niet ken). Ook hier weer een groots opgezet project, maar meer op Westerse leest geschoeid, dus wat meer op actie en de intrige gericht dan Bondarchuks opus.
Eigenlijk vullen de twee films elkaar mooi aan en zijn ze beide de moeite van het bekijken waard. Iemand die nog geen van beiden heeft gezien, zou ik aanraden te beginnen met King Vidors versie, die toch kijkvriendelijker is en op sommige vlakken ook gewoon makkelijker om te volgen (zo toont de Amerikaanse regisseur op een begrijpelijker manier waarom en hoe de relatie tussen Natasha en vorst Bolkonski wordt afgebroken en heeft hij meer aandacht voor de Franse terugtocht uit Moskou en het bloedbad aan de Berezina). Wie daarna nog zin heeft in meer Oorlog en vrede kan het boek lezen of de Bondarchuks film trachten te bemachtigen of beide uiteraard.
Dit stukje vormt het eerste luik van een zogenaamd 'Napoleontische cyclus'. Hopelijk volgt binnenkort het tweede.
Even schrikken
Eergisteren meegemaakt op de trein : een jong(e) zwart(e) meisje/vrouw dat/die met haar vriendin op stap is en zonder enige gêne of rem afgeeft op Marokkanen. Ettelijke malen zei ze luidop, riep ze het haast, "makkaken".
Het komt de eerste seconden al wat vreemd over als een zwarte Nederlands met een duidelijk dialect spreekt, maar dat intussen weggeëbt effect wordt dan nog versterkt indien diezelfde persoon ronduit racistische termen hanteert.
Enigszins vervelend was ook dat niemand van de medereizigers erop reageerde.
Ikzelf evenmin. Toen ze tijdens een overstap naast mij kwamen staan, nam ik mezelf voor om er toch iets van te zeggen als ze opnieuw begon, maar op dat vlak bleef het rustig.
De twee begonnen dan weer wel (spelenderwijs ?) elkaar pijn te doen...
Het komt de eerste seconden al wat vreemd over als een zwarte Nederlands met een duidelijk dialect spreekt, maar dat intussen weggeëbt effect wordt dan nog versterkt indien diezelfde persoon ronduit racistische termen hanteert.
Enigszins vervelend was ook dat niemand van de medereizigers erop reageerde.
Ikzelf evenmin. Toen ze tijdens een overstap naast mij kwamen staan, nam ik mezelf voor om er toch iets van te zeggen als ze opnieuw begon, maar op dat vlak bleef het rustig.
De twee begonnen dan weer wel (spelenderwijs ?) elkaar pijn te doen...
zondag 6 september 2009
Toffe muziek
Twee weken geleden kwam ik op een zondagmiddag van de kust naar huis gereden en in de auto speelde onder meer een nummer van Les Rita Mitsouko dat ik niet kende, maar wel leuk vond.
De presentator vernoemde de titel, maar die ontging me wat en vertelde er nog bij dat het liedje van een LP uit 1986 was. Dat maakte opzoekingen al heel wat makkelijker en uiteindelijk kon het bijna niet anders dan dat het om het album 'The No Comprendo' ging.
In jaren '80 had ik dat al eens geleend van een klasgenote en er de eerste twee nummers van opgenomen ('Les histoires d'A' en 'Andy', maar dit was ik compleet vergeten). Het ging om 'Nuit d'ivresse' en het sluit qua sfeer mooi aan bij de twee reeds vermelde.
Vorige week ontving ik dan de twee cd's van de groep die ik naar aanleiding van dat ene op de radio gehoorde liedje bestelde. Meteen werd me ook weer duidelijk waarom ik ruim twintig jaar geleden maar twee liedjes op cassette had opgenomen : er staan namelijk ook dingen op die me heel wat minder liggen.
Naast 'The No Comprendo' had ik ook hun debuutalbum besteld en dat louter omdat daar 'Marcia baila' op staat, hun gekendste liedje, dat al bijna 25 jaar oud is, maar ook nu nog ijzersterk blijft (al is het mogelijk toch een of twee minuten te lang). De vrolijke en kleurrijke videoclip geeft ook al aan dat ze een prettig gestoord combo vormden en zorgde mee voor hun faam. Vrij recent kwam ik erachter dat het eigenlijk gaat over een Argentijnse danseres waar ze ooit mee samenwerkten en die op 32-jarige leeftijd aan borstkanker overleden is.
Als je het mij vraagt zijn ze met dergelijke muziek voorlopers van groepen als Les Négresses vertes of Mano Negro ; verschillende stijlen/invloeden combinerend tot een opzwepend geheel.
Daarnaast is er uiteraard de fascinerende levensloop van de beeldschone, frêle zangeres Catherine Ringer die een tijd onder meer als pornoactrice aan de bak kwam maar daar nooit een geheim van gemaakt heeft of flauw over gedaan. Een sterke, bewonderenswaardige vrouw. Iets wat Gainsbourgs blijkbaar niet kon snappen.
Helaas stierf de mannelijke helft van het duo, Frédéric Chichin, bijna twee jaar geleden, twee maanden nadat bij hem kanker vastgesteld werd.
Abonneren op:
Posts (Atom)
