Deze avond zat ik in de trein na het opstappen een tijdje recht tegenover een vrouw die volgens mij een alcoholverslaving had. Ik kan enkel maar gissen naar het hoe en het waarom en de pijn die ze voelt of voelde, maar het was een droevig zicht.
Een getekend gelaat, ze hield een blikje bier vast dat ze omvatte met een handdoek of zoiets, ze, of haar blikje, rook bij momenten overduidelijk naar bier.
Qua reizigersleed heb ik overigens deze week mijn portie wel gehad. Maandag verlof. Dinsdagochtend begon met de melding dat de locomotief van onze trein stuk was en dat we dienden over te stappen op een andere trein. Dit ging maar met enkele minuten vertraging gepaard, dus niets speciaal. 's Avonds echter was de locomotief nog niet hersteld en vond men er niets beters op om een trein te laten rijden die 3x korter was dan de gebruikelijke. U kunt zich de taferelen al voorstellen... Ik heb een grote hekel aan vechten om een plaatsje en als een sardine tegen elkaar geplakt zitten. Bijgevolg had ik bijna een trein later genomen toen er toch ergens een compartimentje beschikbaar werd gesteld door het bereidwillige treinpersoneel, ook al stonden we de hele tijd recht.
Woensdagochtend bleek de bovenleiding beschadigd, waardoor er geen treinen reden tussen onze 'stad' en de volgende twee haltes. Ik had echt helemaal geen zin om in afgeladen bussen als een stuk vee naar een andere halte te worden gebracht waar normaal gezien een trein ons zou opwachten (maar hoe laat zouden we daar raken, de bussen moesten nog worden opgetrommeld) en ben dan maar naar huis gefietst. Met de moto naar het werk gaan, was geen optie, want het remlicht van de Kwak blijft voortdurend branden en dat vertrouw ik niet in de ochtendspits en bovendien was mijn uitrusting te beschadigd om er in alle veiligheid mee te kunnen rijden. Ik heb dan maar gewoon een dag verlof genomen en me vermoedelijk zo nog een hoop ergernis 's avonds bespaard.
Al deze ellende valt uiteraard in het niets met twee fenomenen waarmee ik deze week via krantenartikels werd geconfronteerd : de burgeroorlog in Sierra Leone en de vluchtelingenproblematiek in Europa.
Een tiental jaar woedde in het kleine West-Afrikaanse land een vernietigende burgeroorlog, waarin vooral het RUF van de intussen overleden Foday Sankoh een weinig benijdenswaardige reputatie opbouwde. Een van de afgrijselijke gewoonten waarmee deze mensen het nieuws haalden, was het barbaars amputeren van ledematen van slachtoffers, dat naast massale verkrachtingen en moordpartijen. Vroeger heb ik daarover nog een boek gelezen van de Nederlandse journalist Teun Voeten (How de body ?) dat een stevige indruk op me maakte. Een van de hoofdverantwoordelijken voor al dat leed staat nu overigens terecht in Den Haag : Charles Taylor. Dat hij vele jaren moge sleten in een cel.
Vluchtelingen, zucht, een fenomeen van alle tijden, vermoed ik. En ook de reactie van diegenen die ermee geconfronteerd worden. We trachten ze te allen prijze buiten te houden, waardoor er tientallen omkomen in hun wanhopige pogingen om een elders een beter leven op te bouwen. De meesten laten hebben en houden achter, maar slechts een minderheid slaagt erin een beter leven op te bouwen in een ander land. Vaak worden ze het slachtoffer van mensenhandelaars, vallen ze in handen van ordediensten allerhande en niet weinigen kunnen het helemaal niet meer navertellen.
donderdag 28 juni 2007
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten