Enigszins op de vlucht voor het snel verrechtsende politieke klimaat in ons weergaloze Vlaanderenland had ik me voor het laatste weekend van oktober opgegeven voor een motorrit in het Luikse, met begin- en eindpunt in Hoei : de ABR1.
ABR stond voor 'Andere boskesrit'. De maker van de rit heeft er al jaren een traditie van gemaakt om eind oktober een herfstrit te organiseren, de alom bekende IS'en (Indian Summerritten).
Voor mij was het alweer enkele jaren geleden dat ik nog had meegereden, maar dit jaar had ik er nog eens zin in.
Deze ABR moet zowat de enige echte motorrit geweest zijn die ik in 2012 heb gereden. Voor de rest kwam de motor enkel buiten voor het afmalen van vervelende woon-werkkilometers of om in de streek amper een of twee uur rond te tuffen om de accu nog wat in goede staat te houden. Met het winterweer in aantocht zal ik de komende anderhalve maand wellicht niet vaak meer met de Ducati op de baan te vinden zijn.
Zodoende trok ik op zaterdag rond 7 uur m'n motorkledij aan om richting Mol te rijden, waar ik met twee anderen had afgesproken om binnendoor naar Hoei te rijden. Het was wellicht de eerste nacht met lichte nachtvorst, want op verschillende plaatsen waren autoruiten bevroren.
Risico's op ijzelplekken dus, wat nooit fijn is als je met de motorfiets onderweg bent.
In Hoei aangekomen, was er tijd om wat bij te kletsen met enkele mensen die ik al lang niet meer gezien had of met anderen die ik nog nooit in levende lijve had ontmoet. En dan de motor op, waar na een paar kilometer al de eerste ontgoocheling volgde : m'n Tripy-toestel (een soort van elektronisch roadbook dat op een opgeblazen GPS-apparaat lijkt, liet het afweten en dat voor de rest van de rit).
Dan maar aangepikt bij een groepje dat achter me aan kwam en getracht om het papieren roadbook te volgen dat ik zekerheidshalve toch maar geprint had, ook in deze tijden van hoogtechnologische snufjes.
Om een lang verhaal kort(er) te maken : de rit was fijn, maar verliep voor mij niet geheel zonder problemen. De zon was gelukkig van de partij, maar vaak werd je er ook door verblind, wat strak sturen niet bevordert...
Daarnaast zat ik na een paar uur met veel pijn in de handen, polsen, schouders en ook nek in die mate zelfs dat ik op den duur probeerde zo weinig mogelijk te schakelen om zo men linkerhand en polsen te ontzien. Dat kwam deels door de relatief lage snelheid (de Duc is gebouwd om er vlot mee te rijden, niet om uren over half natte, deels door bladeren bedekte kronkelwegen te rijden en dat reflecteert zich in de sportieve zitpositie). De winterhandschoenen zorgden er daarnaast ook voor dat ik extra hard de koppelingshendel moest inknijpen.
Onderweg ook nog m'n compagnon de route moeten rechthelpen... Gelukkig was er buiten zijn ego nauwelijks schade aan hem of z'n moto.
Maar bon. Ik heb de rit uitgereden en ben vrij snel daarna naar huis vertrokken, via de snelweg zodat ik minder zou hoeven te schakelen. Verstijfd en verkrampt kwam ik anderhalf uur later aan, waar ik met m'n laatste krachten de motor in de garage geduwd heb en met grote moeite de trap op gestrompeld ben om uit te rusten.
zondag 11 november 2012
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten