maandag 11 mei 2009

Uit het leven gegrepen

Tot in Mechelen was de zetel naast me vrij, maar dat kon uiteraard niet blijven duren. Niet dat het me stoorde dat er zich iemand kwam neerzetten, ook al had hij evengoed een andere zetel kunnen uitkiezen (tandengeknars).

Net zoals zovele medereizigers nam hij de “Metro” door, het blaadje bij uitstek waar je de pendelaar aan herkent. Het afhalen en lezen van dit krantje maakt al jaren onlosmakelijk deel uit van de routine van diegenen die zich per spoor naar hun werk verplaatsen.

Dit exemplaar leek iets te eten, al van bij het instappen. Rustig bladerde hij door zijn dagelijkse treinkrant. Wel kauwde hij de hele tijd lustig door, in die mate dat ik er stilletjesaan begon op te letten, ook al deed ik hard m’n best om te lezen. En het bleef maar duren, het hele traject Mechelen – Brussel-Noord lang, toch al gauw 20 minuten. Bij momenten begon hij ook nog eens systematisch zijn hoofd van links naar rechts te draaien. Mooi synchroon een machinale verticale en horizontale beweging…
…dat hoofd begon dan ineens een eigen leven te leiden, het begon te groeien en te groeien, totdat van mijn reisgezel niets anders meer overbleef dan een enorm hoofd zonder enig lichaam. Waarna het me met ogen vol waanzin en begeerte begon te verscheuren, net zoals de Cronos van Goya. Weglopen kon niet want ik zat langs alle kanten ingesloten en de andere reizigers lazen of kwetterden rustig voort alsof er niets aan de hand was.

1 opmerking:

Liesbet zei

De trein is altijd een beetje reizen...