dinsdag 25 september 2012

Vakantie (lange versie)


Snel nog enkele indrukken over onze zomervakantie 'neerpennen' alvorens alles compleet vervaagt. De reis dateert dan ook alweer van de eerste helft van juli (van dit jaar) en na haast 3 maanden mag dat wel.

Omdat we nogmaals met de auto gingen, waren ik en M. het er vrij snel over eens dat we naar een plek wilden gaan waar we met 1 dagreis met de auto konden geraken. En dus werd het Frankrijk en meer bepaald een week naar Bretagne, 8 dagen naar de Loirestreek en tot slot nog twee dagen naar Parijs.

Geen van ons was ooit al naar Bretagne of de Loirestreek geweest en voor R. en S. was ons verblijf in Parijs ook een primeur.

De heenreis verliep vrijwel probleemloos op 1 incident na : in de buurt van Rouen lanceerde een ons voorbij stekende auto een kei tegen de voorruit, wat al vlug resulteerde in een snel groter wordende barst. Op een bepaald moment werd ze wel niet meer langer en gelukkig bevond ze zich ook niet echt in mijn gezichtsveld. Een telefoontje naar onze concessiehouder zorgde ervoor dat we min of meer gerustgesteld verder konden rijden en voor de rest probleemloos onze bestemming konden bereiken.


Het vakantiehuis dat we huurden, ligt iets ten zuiden van Dol de Bretagne, haast op de grens tussen Normandië en Bretagne. De eigenaars waren heel vriendelijk. Daarenboven waren ze zo goed om ons een dag later alleen achter te laten, want ze gingen voor een paar dagen hun kinderen bezoeken. Ze wisten nog wel te zeggen dat er in het dorpje een bakker en kruidenier was. Vooral van de bakker werden we een week lang trouwe klant, waardoor er dagelijks fel gesmaakte croissants en stokbroden bij het ontbijt gegeten werden.

De dag na onze aankomst wilden we het nog vrij rustig aandoen, maar omdat het zondag was, het weer niet slecht maar evenmin echt zonnig en ook omdat de schoolvakantie in Frankrijk nog niet begonnen was, besloten toch al maar een uitstap te doen naar mogelijk de grootste toeristische trekpleister daar in de buurt : de Mont Saint-Michel. Wel spectaculair om zien, al was het water helemaal weggetrokken toen wij er waren. Daarnaast bezochten we ook een daar vlakbij gelegen reptielenboerderij. Qua volkstoeloop hadden we de juiste inschatting gemaakt : die viel nog redelijk mee.


De dag erna trokken we dan richting Normandië om er een museum in Bayeux te bezichtigen en de landingsstranden Omaha en Utah, waar de Amerikanen in juni 1944 voet aan land zetten. Vooral op Omaha werd er onder hen een ware slachting aangericht. Veel wind en bewolkt. In de auto (toch goed 2 uur rijden enkele reis)verdreven we de tijd met het beluisteren van cd's van het Geluidshuis. Succes verzekerd.
Nog een dag later kregen we een voorproefje van een van de meest spectaculaire zaken die we op onze reis zouden zien : de grillige, woeste Bretoense kust. Via Cancale reden we reden toen naar de piratenstad Saint-Malo. Eerst stopten we nog even aan de Pointe du Grouin om daar even rond te wandelen. Zo kruisten we onder meer het pad van een jonge slang, die zich zo snel hij kon 'uit de voeten maakte'. Afgaand op foto's die ik op het internet vond, moet het een addertje zijn geweest, maar helemaal zeker ben ik er ook niet van. Maar voor de kinderen (en mezelf toch ook een beetje) toch een spannend moment, want voor hen was het de eerste maal dat ze een (gif)slang in het wild zagen.


In Saint-Malo hebben we de stadswal die de oude stad helemaal omringt, volledig verkend, waarna we het historisch centrum bezocht hebben. Op het einde kregen we nog heel wat zeilboten te zien die net de haven kwamen binnen gevaren.
Een andere uitstap in Bretagne ging naar Dinan, waar nog heel wat oude gebouwen bewaard zijn gebleven. Het stadje is als een citadel op een rots gebouwd en je kunt er ook een serieuze klim (of afdaling) doen naar het stadhaventje. Daar hebben we ook een Bretoense specialiteit gekocht, namelijk Kouign Amann, een soort gebak met ook pudding erin. Ook bezochten we nog een wat bestoft, maar door z'n oubolligheid net charmant spoormuseumpje.
Gastronomisch viel ons verblijf daar ook wel mee, onder andere wegens de ettelijke pannenkoeken verorberd die we er verorberden ! Een restaurant waar we graag over de vloer kwamen, is de Auberge de la Cour Verte. Bij ons laatste bezoek konden we ook niet aan de verleiding weerstaan om elk 2 desserts te vragen...

Op onze laatste volledige dag reden we dan naar Cap Fréhel, een uitkijkpunt waar onder meer twee vuurtorens staan. Een mooie plaats. Het viel me wel op dat er daar nergens afspanningen waren ; mensen met donkere gedachten kunnen er probleemloos in de diepte springen. Op zo'n plek zou je ook lang kunnen mediteren, maar daar staken opkomende donderwolken een stokje voor. Net op tijd raakten we opnieuw tot bij de wagen voordat er een enorme stortbui losbarstte.
We hebben van ons verblijf in Bretagne ook geprofiteerd om enkele menhirs of dolmen te gaan bekijken. Dat zijn toch wel indrukwekkende punten in het landschap.


Na een week Bretagne vertrokken we dan richting de Loirestreek. Iets ten zuiden van La Flèche en Le Lude (en nog wat zuidelijker van Le Mans).
Onderweg konden we natuurlijk niet anders dan halt houden bij Le Manoir de l'Automobile in Lohéac. Een gehucht waar een autofanaat een museum heeft geopend gewijd aan auto's, autosport en ook koetsen allerhande. Er is zelfs ook een circuit naast het museum gebouwd. Eigenlijk zou je er een halve dag of langer voor moeten kunnen uittrekken, maar M. en S. waren nogal gehaast, zodat R. en ik nauwelijks de tijd hadden om een en ander goed te bekijken.


Enkele uren later kwamen we dan aan in onze gîte in Savigné-sous-le-Lude. De milieubewuste eigenaars hebben het relatief grote domein jaren geleden gekocht en de verschillende gîtes opgeknapt of bijgebouwd. Het was er erg rustig en de bezoekers zijn er omringd door het groen.

De eerste twee dagen dat we er waren, logeerde er ook een koppel Nederlanders, die daar met een klassieke Frans wagen uit de jaren '50 naartoe gereden waren : een Facel Vega, toen een luxewagen voor de welgestelden. Een heel fraai exemplaar.


Gelukkig voor de kinderen was er daar wel een zwembad, maar helaas voor hen zat het weer niet altijd mee, zodat ze er niet elke dag in konden spelen. Dat hebben we echter niet aan ons hart laten komen en ook nu weer hebben we verschillende uitstappen gedaan : naar Saumur bijvoorbeeld, waar een van de grootste tankmusea van West-Europa kan worden bezocht. Of de stad Le Mans, waar we enkele uurtjes zijn rond doolden in het oude stadsgedeelte. Uiteraard mocht een bezoek aan het museum gewijd aan de 24 uur niet ontbreken, net zomin als een ritje op het circuit dat dan gebruikt wordt en dat voor een groot deel gewoon uit openbare weg bestaat.


Een van de hoogtepunten op onze reis was echter onze uitstap naar enkele Loire-kastelen. Eerder hadden we het kasteel van Le Lude al bezocht en er een rondleiding gekregen, maar plekken als Villandry, Chenonceau of Azay-le-Rideau zijn toch nog van een andere orde, ofwel qua schoonheid of wegens de historische rol die ze gespeeld hebben, of gewoon allebei.
Villandry is hoofdzakelijk bekend door zijn prachtige tuinen. Het hele complex werd door een Spaanse arts in de eerste helft van de 20ste eeuw overgekocht en getransformeerd tot een betoverend mooie plek. Je zou er uren kunnen doorbrengen.
Daarna ging het naar een van de sprookjeskastelen van de Loire, althans wat de constructie betreft. Tegelijk was het jaren een machtscentrum waar Franse monarchen voor korte of langere tijd verbleven (o.m. Catharina de Medici). De audiogidsen bieden zeker een meerwaarde, temeer omdat er ook uitleg in het Nederlands beschikbaar is. Ook hier weer is niet alleen het kasteel een topattractie, maar ook de tuinen.


De week in de Loirestreek was ook alweer snel voorbij en normaal gezien zou onze vakantie er daarmee opgezeten hebben. Echter, omdat er in Parijs een tentoonstelling liep over Tim Burton, een van m'n favoriete regisseurs, had ik het idee opgevat om d.m.v. een Bongobon met het gezin nog 2 dagen in de Franse hoofdstad te blijven. Voor de kinderen was het bovendien de eerste maal dat ze er kwamen.
De dag van aankomst was bedoeld om de tentoonstelling in de Cinémathèque te bezoeken, vlakbij het metrostation Bercy. Ze trok wel heel veel volk, waardoor het niet altijd even makkelijk was om alles goed te bekijken. Er werd ook relatief veel aandacht besteed aan Burton's tekeningen, schetsen en vroeger werk, wellicht om deze aparte figuur en z'n wat ongewone filmwerk te situeren en verklaren. In de tweede helft kwamen dan zijn bioscoopfilms aan bod. Achteraf kon ik niet aan de verleiding weerstaan om 4 of 5 dvd's met films van hem te kopen. Tegenvaller daarbij was 'Sweeney Todd', niet alleen omdat het een musical is (gruw !), wat ik niet wist, maar ook omdat de ontknoping wat mij betreft eigenlijk nogal tegenvalt.

Na de tentoonstelling gingen we lekker eten in een vlakbij gelegen Indisch restaurant. Op zich wellicht niets speciaals, ware het niet dat S. ook at wat hij voorgeschoteld kreeg, iets wat lang geen vanzelfsprekendheid is bij hem. Tot slot was er daarna nog tijd om een toeristische locatie te bezoeken en dat werd de trekpleister bij uitstek : de Eiffeltoren. Helaas stonden er enorm lange wachtrijen, zodat we er maar gewoon wat bedremmeld bleven rondhangen, om daarna naar het Trocadero te gaan en vervolgens met de metro opnieuw naar het hotel.


De dag erop was gewijd aan een bezoek te voet aan de lichtstad, dat onder de kundige leiding van M. Ze leek echt te genieten van de rondleiding en zo kwamen we onder meer terecht bij Notre Dame, de Place des Vosges, het Louvre, de place de la Concorde, de Tuileries, Montmartre, Pigalle enz. Uiteindelijk eindigde deze bescheiden marathon bij de Galeries Lafayette.

Tijdens ons korte verblijf in Parijs hadden we vaak de metro gebruikt en daar werd veel reclame gemaakt over een tentoonstelling over het graf van Toetanchamon. S. wilde daar heel graag naartoe ; R. en M. hadden die voorheen al bezocht toen ze in Brussel te bezichtigen was. Op de ochtend van ons vertrek ging ik dus met S. op zoek naar de geheimen en schatten die ongeveer honderd jaar geleden blootgelegd werden. Het was een mooie tentoonstelling. De getoonde voorwerpen waren dan wel allemaal namaak, toch gaf het geheel een goed beeld van de heel indrukwekkende zaken die toen gevonden zijn en van de haast onvoorstelbare kunde van de Egyptenaren. S. was toch heel blij dat we die uitstap nog speciaal gemaakt hebben.

1 opmerking:

Anoniem zei

Schoon foto's! :-)